Tag: histamine intolerantie

image_pdfimage_print

Is thiamine het belangrijkste vitaminetekort bij MCAS?

Wat hebben mestcelactivatie/verhoogde histamine, MCS (multiple chemical sensitivity), darmdysbiose, bijnieruitputting, trage schildklier, insulineresistentie, oestrogeendominantie, angst/depressie, oxalaat stapeling, tekort aan acetylcholine met elkaar gemeen? 

Je gelooft het bijna niet, maar ze zijn allemaal afhankelijk van voldoende thiamine ofwel vitamine B1.

En wat zie je bij de gemiddelde patiënt met het mestcel activatie syndroom? Een verhoogd aantal gifstoffen in het lichaam, een extreem lage beschermende darmflora, trage schildklierwerking, oestrogeen dominantie, insulineresistentie, angst/depressie, oxalaat stapeling en tekort aan acetylcholine waardoor de nervus vagus overprikkelt is en het immuunsysteem overal  te sterk op reageert.

Ik vind de overeenkomsten in klachten en co-morbiditeiten wel erg veel, bijna bizar. Door de zoektocht naar oxalaat belasting en MCAS wist ik wel dat thiamine belangrijk was, maar ik legde de nog niet de connectie tussen al de verschillende symptomen. Alles connecties die ik kon bedenken onderzocht ik op thiamine tekorten en steeds weer was er een verband. 

Steeds meer begint men te geloven en te zien dat mestcelactivatie syndroom, wat zorgt voor een verhoogd histaminegehalte als gevolg van triggers (dus niet constant), een metabool syndroom is. Net zoals migraine een metabool probleem is. Alles heeft te maken met het metabolisme, ofwel de stofwisseling. Als er daar dingen fout gaan, kan dit een ketting aan reacties geven.

Het metabool syndroom kijkt vooral naar suiker, insuline en cholesterol. Je werkt dus vooral aan het verminderen van insulineresistentie en suikerverwerking. Dat is ook een van de peilers waar ik mee werk omdat insulineresistentie een oorzaak is van mestcelactivatie, aldus Dr. Afrin, de arts die MCAS op de kaart zette. 

Thiamine speelt bij het metabool syndroom ook een belangrijke rol. Het is niet dat je een echt thiamine tekort hebt, maar een functioneel tekort. Daar zit een verschil in. Als je een thiaminetekort hebt, heb je beri-beri of Wernicke’s encephalopathie, dit zijn mogelijke fatale aandoeningen. Een functioneel tekort betekent dat je niet genoeg thiamine hebt voor wat je nodig hebt. 

Thiamine is dus belangrijk, erg belangrijk! Ja, uitroepteken, want zo is het. Zeker bij MCAS/histamine-intolerantie omdat de oxalaat stapeling hier een duidelijke rol in speelt. Het immuunsysteem reageert overmatig op alles wat er binnenkomt, voeding, maar ook geuren. Dit komt doordat het lichaam teveel gifstoffen bevat en te weinig middelen om deze te ontgiften. Oxalaat vindt het geweldig om zich aan allerlei stoffen te binden. Mineralen, pathogene organismen (candida, schimmels), zware metalen. Hierdoor zijn deze heel moeilijk te ontgiften en ontstaat er een overload. En hoe meer oxalaat, hoe meer schadelijke stoffen worden vastgehouden. En hoe kom je aan een oxalaat overschot? Men gaat nu uit van een thiaminetekort. 

Je zou bijna denken dat alle onderliggende klachten bij MCAS eigenlijk een functioneel thiamine tekort zijn en dat je alle therapieën, voedingsprotocollen, supplementen, probiotica en de hele mikmak, kunt ondervangen door alleen thiamine drastisch te verhogen. Ik vind dit razend interessant. Het zou zoveel verklaren, en het zoveel makkelijker maken om te herstellen.  Helaas kan ik hier als voedingstherapeut en geen wetenschappelijk onderzoekster geen officiële uitspraken over doen, maar het zou geweldig zijn en het is het proberen waard.

O, en als toch een soort van onderzoek zou iedereen met MCAS een genetisch onderzoek naar het SLC19A2 en A3 gen kunnen laten uitvoeren. Daarover later meer.

 

Hoe ontstaat een thiaminetekort? 

Een functioneel tekort aan thiamine kan vijf verschillende oorzaken hebben:

  1. een omzettingsprobleem in je lichaam, mogelijk door een genetische mutatie 
  2. een lekke darm 
  3. acetaldehyde
  4. HPV vaccinatie (Gardasil)
  5. een tekort aan inname via voeding

 

  1. Genetische mutatie in de SLC19 genen familie

Ik heb ooit een genetisch onderzoek laten doen en zag hierin dat ik een mutatie had in het SLC19A1 gen, een van de drie genen van een familie van transporteiwitten die twee wateroplosbare B-vitaminen transporteren naar weefsels en cellen in het lichaam: folaat en thiamine. 

SLC19A1 transporteert folaat, SLC19A2 en SLC19A3 thiamine. 

Er zijn onderzoeken waar SLC19A1 ook voor thiamine werkt, maar andere onderzoeken spreken dit weer tegen, het is wat onduidelijk.

Deze transporters zijn lid van een grote superfamilie, de “major facilitator superfamily” (MFS). De leden van deze superfamily zijn onder andere betrokken bij de suikeropname en het uit de cellen pompen van gifstoffen van medicatie.

Als er een mutatie in een of meerdere van deze genen is, werkt dit gen langzamer en kan er een tekort aan thiamine of folaat ontstaan en vermindert uitscheiding van gifstoffen uit de cellen. 

A1 en A2 leveren hun substraten aan systemische weefsels

A3 medieert de opname van thiamine in de darmen.

Thiamine is positief geladen en folaat negatief. SLC19A1 en SLC19A2  brengt thiamine en folaat in de cellen, hiervoor is wel een optimale pH nodig. Het is dus belangrijk om te zorgen dat deze goed is. Het gaat hierbij om de pH in het bloed.

Het derde gen, SLC19A3, geeft instructies voor het maken van de proteïne die we het thiamine transporter noemen, deze verplaatst thiamine in de cellen. Het zorgt ervoor dat de darmen thiamine goed op kunnen nemen. 

 

2.Lekke darm zorgt voor tekort aan thiamine en folaat

Thiamine (B1) en Folaat(B9/B11) zijn allebei B-vitaminen en moeten allebei gemetaboliseerd worden om actief te worden. Het transporteiwit SLC19 werkt in veel weefsels maar ze zijn het sterkst actief in absorberende weefsels (darm, nieren en placenta) vooral op de villi van de darmwand. Dit zijn kleine haartjes, soort vingertjes die de oppervlakte van de darmwand vergroten zodat er veel voedingsstoffen opgenomen kunnen worden. Als de darmwand is aangetast en er een lekke darm is, zijn de villi helemaal afgevlakt, het oppervlak van de darmwand is dus ook een stuk kleiner en dus ook is er minder SLC19, zo kan een lekke darm zorgen voor een tekort aan folaat en thiamine.

Overigens kunnen er bij een lekke darm nog meer voedingsstoffen tekorten ontstaan. 

 

3. Acetaldehyde en aldehyde ontgifting zorgt voor afbraak thiamine

Acetaldehyden en aldehyden zijn giftige stoffen die zich in je lichaam kunnen opstapelen. 

Aldehyde is natuurlijk en komt van nature voor in voedingsproducten zoals rijp fruit en koffie. Als de spijsvertering niet goed verloopt en koolhydraten en suikers niet goed kunnen worden verwerkt, door een tekort aan goede bacteriën, maar ook door een tekort aan thiamine, kunnen suikers gaan fermenteren. (Ik zie bijna standaard een veel te laag aantal goede bacteriën, en een probleem met koolhydraten verwerking), er worden dan aldehyden geproduceerd.

Acetaldehyde is chemisch en een component van sigarettenrook. Ook ontstaat acetaldehyde als afbraakproduct van alcohol. Daarbij draagt het bij aan het gevoel van een kater. Het wordt gebruikt voor synthetische harsen in de verfindustrie, parfums, verfstoffen, maar als oplosmiddel in de rubber- en papier industrie en als bewaarmiddel voor fruit en vis. Formaldehyde is ook een acetaldehyde.

Als je lichaam reageert op verf, parfums en rubber, sigarettenrook en ook last hebt van suiker en koolhydraten, heb je dus een te hoge hoeveelheid acetaldehyde en aldehyde in je lichaam. Deze stoffen zijn oorzaken van MCAS en MCS reacties.

Aldehyde vergiftiging is  de twee na meest voorkomende oorzaak van leververgiftiging. Aldehyden en acetaldehyden veroorzaken mestceldegranulatie en dus verhoging van histamine. 

Je kunt aldehyde verwijderen door geen suikers en geen gefermenteerde producten te gebruiken. Als er candida is, pak dit dan aan. Verbeter je darmflora.  Vermijd alle bovengenoemde chemische stoffen, kom niet in de buurt van mensen die roken.

Daarnaast is het belangrijk om geen appelazijn, Rejuvelac en kombucha te gebruiken. Deze bevatten allemaal aldehyde.

Je lichaam is constant bezig om de aldehyden en acetaldehyde te ontgiften. Hierbij wordt er thiamine afgebroken. Zo zorgen deze stoffen voor een thiaminetekort. 

Je kunt acetaldehyde en aldehyde in je lichaam verminderen glutathion te verhogen. Dit doe je door veel zwavel te gebruiken: kruisbloemige groenten, asperges, avocado, vlees en eieren. Daarnaast heb je voldoende selenium en vitamine C nodig. Mariadistel helpt ook de glutathion productie te verbeteren.

Daarnaast vul je de nutriënten aan om je zenuwstelsel te kalmeren:

Thiamine is hier heel belangrijk. Sulbutiamine  werkt erg goed op de hersenen, benfotiamine meer op de lever en het bloed. 

Het mineraal molybdeen is belangrijk. Dit mineraal breekt acetaldehyde af tot azijnzuur. 

Acetaldehyde kan je lichaam niet zelf uitscheiden, het stapelt zich op. Azijnzuur kan het lichaam wel afvoeren of het verandert in acetyl coenzym A, een heel belangrijke stof in je energiesysteem. Een win-win situatie. 

Daarnaast zijn B2, B3, B5 ijzer en pantethine belangrijk. De doseringen zijn afhankelijk van de belasting en moeten met een arts/behandelaar worden overlegd. 

 

4. HPV vaccinatie

Dit is een nog niet wetenschappelijk onderzochte oorzaak, er zijn wel literatuur onderzoeken gedaan, maar nog geen onderzoek op jonge vrouwen die het vaccin kregen.  Op hormonesmatter.com wordt deze vaccinatie en dan voornamelijk Gardasil als mogelijke veroorzaker gezien van het ontstaan van posturaal orthostatisch tachycardia syndrome (POTS), een ziekte van autonoom zenuwstelsel (AZS).  Dit zenuwstelsel wordt vanuit de hersenstam aangestuurd. Het reguleert de basisfuncties voor overleving: ademen, hartslag, honger en verzadiging en vecht/vlucht respons tot reproductie. Het AZS werkt samen met het limbisch systeem in de hersenen en ze zijn allebei afhankelijk van voldoende thiamine. Vooral het limbisch systeem heeft behoefte aan veel zuurstof en dus aan thiamine.  Er zijn redelijk wat gevallen van vrouwen gemeld die na de HPV vaccinatie POTS hebben gekregen. 

 

5. Tekort aan inname via voeding 

Thiamine kan ons lichaam niet zelf maken, je moet het binnen zien te krijgen met het eten van zaden, vlees, eieren, peulvruchten, noten en hele granen. In principe zou een normaal westers dieet voldoende thiamine moeten bevatten. Je hebt per dag 1,1 mg thiamine nodig. Het meeste thiamine vind je in tarwezemelen, hennepzaad, lijnzaad en zonnebloempitten.  De ADH van 1,1 mg kun je wel binnenkrijgen als je gezond en gevarieert eet. Eet je koolhydraatarm dan mis je de tarwezemelen, eet je ook helemaal geen zaden meer, dan kan er een thiamine tekort ontstaan.

 

Hoe weet je of je een thiaminetekort hebt?

Een bloedonderzoek is vrij zinloos omdat je thiamine niet lang vast houdt. Het bloed geeft alleen weer wat je net aan voeding, met thiamine, hebt gegeten. Wil je weten of je een functioneel tekort hebt dan moet er gekeken worden naar hoe het enzym transketolase zich in de rode bloedcellen gedraagt in aanwezigheid of afwezig van toegevoegde thiamine. Als het enzym traag werkt, is er een thiamine tekort.

Mensen kunnen ongeveer 25-30 mg thiamine opslaan en omdat thiamine wateroplosbaar is, kan er een tekort ontstaan in 14-18 dagen. 

De ontstekingsvonk

Zoals je hebt gezien zorgt een tekort aan thiamine voor allerlei klachten. Dit komt doordat je thiamine nodig hebt om dingen te verbranden. Zoals bijvoorbeeld een heel belangrijke: glucose. Daarnaast verbrandt thiamine de BCAA (branch chained amino acids) aminozuren: leucine, isoleucine en valine. 

Iedere ochtend start je in je lichaam de eiwitsynthese op als je voldoende leucine binnenkrijgt, 3 gram (bijv. 100 gram vlees), dit zorgt ervoor dat je lichaam nieuwe cellen gaat opbouwen, in plaats van alleen maar cellen verbruiken (afbraak). 

Maar als er een thiamine kort is, heb je wel voldoende benzine (leucine), maar kan de auto niet gestart worden (je eiwitsynthese-opbouw).

Thiamine is niet de motor die alles verbrand, maar zorgt voor de ontsteking van de verbranding, het kunnen omdraaien van de sleutel of bijvoorbeeld de vonk die vuur maakt.

Technisch: hoe werkt thiamine in onze hersenen? 

Onze hersenen zijn helemaal afhankelijk van oxidatief metabolisme:

Brandstof+zuurstof + katalisator= Energie.

Elk van onze honderd miljard lichaams/hersencellen kan door deze reactie blijven leven. Deze reactie waarbij energie wordt gemaakt vindt plaats in de energiecentrale in de cel: de mitochondriën.

Zuurstof gaat samen met brandstof(voedsel) waardoor het verbrandt. Zie het als een verbrandingsmotor. Je hebt brandstof, benzine, nodig om te verbranden en een vonk zorgt voor de ontsteking zodat de motor begint te draaien. 

Dit is noemen we in de cellen: oxidatie.

Die vonk die je nodig hebt voor de oxidatie is de katalysator. Vitaminen zijn katalysators. Als een van de de drie componenten afwezig zijn, is dit een oorzaak voor de dood. 

Antioxidanten zoals vitamine C beschermen ons tegen de voorspelbare “vonken” (als een normaal gevolg van verbranding) wat we kennen als “oxidatieve stress”.  Vitamin B1, is de vonk, de katalysator voor al deze reacties

Thiamine helpt op deze manier belangrijke enzymen in bijna iedere cel in het lichaam. Om bijvoorbeeld koolhydraten te kunnen verbranden, moet thiamine het vuur starten met het enzym guanylaat cyclase. Dit enzym zorgt ervoor dat de hele kleine spiercellen die om de bloedvaten heen liggen ontspannen. En ontspannen bloedvaten verbeteren de bloedstroom. 

Als je insuline resistent bent, kunnen de bloedvaten niet zo goed uitzetten, de spieren zijn te gespannen, er is te weinig van het enzym.  Dit probleem lost het lichaam dan op door er histamine heen te sturen. Histamine verwijdt de bloedvaten. Het nadeel hiervan is dat er hierdoor histamine klachten ontstaan. Maar ja wat wil je dan? Te weinig vocht in je cellen? Die raken dan ondervoed en uitgedroogd en zullen sterven. Histamine to the rescue!

 

Waarom kan thiamine geen vonk meer maken?

Het is als eerste belangrijk om te weten dat ons lichaam zelf geen thiamine kan maken en we het dus alleen via voeding binnen krijgen. Je vind het in vlees, eieren, peulvruchten, noten en hele granen. Groenten, fruit, zuivel en geraffineerde granen bevatten zo goed als  geen thiamine.

Je zou dus denken dat je niet zo snel een tekort aan deze vitamine krijgt als je voldoende van deze producten eet. Toch is het zo. Want voeding is niet het probleem. De hoeveelheid die je nodig hebt wel.  

Hoeveel thiamine er uit voeding wordt opgenomen is afhankelijk van hoe lang het in de darm is zodat het door de thiamine transporters (SLC19A2 en SLC19A3) wordt opgepikt. In de darmen kunnen allerlei gevaarlijke organismen leven die de opname belemmeren. Veel van deze organismen produceren thiaminases, deze stof scheurt thiamine in kleine stukjes waardoor het niet meer bruikbaar is.

Dan zijn er ook nog tannines in zwarte thee en koffie die ervoor zorgen dat thiamine niet bij de thiamine transporter kan komen, deze bevinden zich in het slijmvlies in de darmwand. En dan komt er nog eens bij dat de thiamine transporters er niet altijd in slagen om thiamine op te nemen, of er zijn niet genoeg van deze transporters door een lekke darm, dus wordt het niet door het lichaam getransporteerd.

O ja, alcohol maakt de thiamine transporter helemaal van slag, daarom zie je bij alcoholisten regelmatig een thiaminetekort.

 

Hoe krijg je voldoende thiamine binnen?

De eerste vraag is: wat is voldoende? Dit verschilt per persoon, aan de problemen die er in het lichaam zijn. Als je genetische mutaties hebt kan het zijn dat je meer nodig hebt. Er zijn ook omstandigheden waarin het lichaam meer thiamine nodig heeft:

  • bij een dieet met veel koolhydraten
  • als je lichaam in een hyperstaat is, zoals bijvoorbeeld hyperthyroïdie
  • als je een actief bestaan leidt
  • als je een acute ziekte/koorts hebt
  • als je flink groeit in de puberteit
  • als je zwanger bent en als je borstvoeding geeft
  • bij groot trauma
  • bij grote chirurgische ingrepen
  • en heel belangrijk: bij insulineresistentie.

Er zijn twee manieren om meer thiamine binnen te krijgen, via voeding of via een supplement. Thiamine wordt niet opgeslagen, je moet het dus elke dag consumeren.

Let er ook op dat als je bloedsuiker daalt, je meer plast, je dan ook meer thiamine nodig hebt. Dus eet je koolhydraatarm, vergeet dan niet thiamine aan te vullen.

 

Vier meest gebruikte vormen van thiamine

Als je een supplement gebruikt, neem dan geen vitamine B complex, maar een losse thiamine. 

Vormen die goed worden opgenomen zijn vetoplosbare thiamine zoals benfotiamine en sulbutiamine. Benfotiamine verhoogt het thiaminegehalte in de lever en het bloed en sulbutiamine meer in de hersenen. Benfotiamine is in 1961 ontwikkeld als middel tegen neuropathie bij diabetici. Het is vetoplosbaar en wordt daardoor beter in het lichaam opgenomen dan thiamine HCL. 

De gewone vorm is thiamine HCL, deze kun je bij iedere drogist kopen. Maar 5% van de dosering wordt daadwerkelijk opgenomen, maar dat kan al genoeg zijn als je begint met 2x per 500 mg.  

Er zijn onderzoeken waarbij men qua werking in het lichaam geen verschil zag tussen de gewone thiamine HCL en de andere soorten.  Je kunt beginnen met thiamine HCL en als dit weinig tot geen effect heeft benfotiamine proberen. 

Er is ook nog allithiamine, dit is een natuurlijke thiamine vorm onttrokken van knoflook. Je kunt ook elke dag veel biologische knoflook eten. 

De werking is echter hetzelfde.

 

Waarom is thiamine zo belangrijk?

Thiamine is de basis van de B-vitaminen. De koningin. The sparkling beauty. Ja, we willen allemaal schitteren als een koningin, laten we dat doen! Shine, shine! Zonder thiamine geen schittering. Nou ja, zoiets, om je enthousiast te maken voor thiamine.

Wil je dat B2, B3, B6, B9 en B12 goed werken dan moet je in eerste instantie zorgen dat er voldoende B1 is en dat deze goed werkt. 

Thiamine is betrokken bij het vetzuurmetabolisme en de assimilatie van veel aminozuren.  Als de B1-activiteit is aangetast kan dit de B2-activiteit, B3-activiteit, B6-activiteit, B9-activiteit en B12-activiteit uitschakelen.

Om B1 in het lichaam bruikbaar te maken heeft het voldoende  calcium-kobalt, mangaan en magnesium nodig. Deze voedingsstoffen zorgen ervoor dat B1 kan assimileren zodat het in het lichaam gebruikt kan worden.

 

Oxalaatstapeling door thiaminetekort

Als er MCAS is, is de kans groot dat er ook een oxalaat stapeling is. Dit omdat oxalaat schadelijke stoffen als zware metalen en candida vasthoudt waardoor je deze moeilijk kunt ontgiften. Oxalaat wordt onder andere afgebroken met behulp van het eiwit oxalyl-coA-decarboxylase. Dit enzym is afhankelijk van thiamine, de primaire vorm van B1 is thiaminedifosfaat (TPP), dit is de vorm die Oxalobacter formigenes bacteriën kunnen gebruiken. Bij een tekort aan Oxalobacter formigenes  wordt er minder oxalaat afgebroken. Thiamine moet in het lichaam omgezet worden naar TPP. 

De bruikbare vorm van thiamine, TPP,  wordt in de darmwand afgegeven. Maar als je thiamine chemie niet goed werkt, vanwege een genetische mutatie, kan er te weinig voeding zijn voor de microben die oxalaat afbreken. 

Een ander probleem is dat sommige antibiotica bacteriën doden door die microben aan te vallen met een directe klap voor hun thiamine-chemie.

Heel veel bacteriën in de darmen kunnen oxalaat afbreken. 

De 5 beste zijn:

E.Coli, mycobacterium, lactobacillus, shigella, bifidobacterium. 

E.Coli, mycobacterium en shigella zijn schadelijk als er te veel van zijn. Het kan mogelijk zijn dat een verhoogde schadelijke hoeveelheid van deze pathogene bacteriën ontstaat als gevolg van een te hoog oxalaatgehalte als gevolg van een thiaminetekort. Het zou logisch zijn. Je ziet verhoogde E.coli ook bij blaasontstekingen. En waar wordt oxalaat het meeste geloost? Via de urine. Dus als je vaak blaasontstekingen hebt en dus verhoogde E.coli, is dit mogelijk een poging van de E.Coli om de oxalaat af te breken en verdere schade te voorkomen. En dat allemaal door tekort aan thiamine en de bruikbare vorm TTP. 

 

Oxalaat afbreken tot azijn

Wetenschappers hebben een thiamine-gen geïdentificeerd in een type bacterie dat azijnzuur genereert, ofwel: azijn. Het gen zorgt voor de productie van het enzym oxalaat-oxidoreductase (OOR). Dit enzym metaboliseert oxalaat met behulp van thiaminepyrofosfaat (TPP) > de biologische thiamine. Het gen zorgt er dus voor dat deze bacteriën met behulp van thiamine azijn maken van oxalaat.

“Ha, ik maak azijn van jou! Pas maar op!” Nu snap ik die uitdrukking pas! 😉

Zowel oxalaat als acetaldehyden kunnen in een gezond lichaam afgebroken worden tot azijn. 

Een dieet met veel industrieel bewerkte koolhydraten (koekjes, snoepjes, cakes, brood, tortilla, alle witmeel producten) is een van de grootste oorzaken van een thiaminetekort.  Als er een tekort is, kunnen deze koolhydraten niet goed worden verwerkt waardoor er oxalaat op gaat stapelen. Tarwe en andere granen bevatten veel oxalaat. 

Je kunt je afvragen of oxalaten in voeding het probleem zijn of ondervoeding door junkfood en bewerkte voeding. 

Andere voeding die de oxalaat productie kunnen verhogen als er een thiaminetekort is zijn: bier, wijn, thee, koffie, yoghurt, brood, rijst, sojabonen pasta, sojasaus, sojaolie, gefermenteerde voeding, geroosterde voeding, gebakken of gefrituurde voeding.

Het zou kunnen dat een oxalaat probleem een vroeg teken is van een thiaminetekort en het zou net zo goed kunnen dat oxalaat je beschermt tegen al die toxische stoffen, al is het niet zo’n prettige en ongezonde manier om te beschermen. Net zoals histamine ons beschermt tegen uitdroging en celdood, en candida ons beschermt tegen zware metalen.

Al die onbalansen in ons lichaam zijn pogingen om ons te beschermen tegen gif en suiker (wat tenslotte ook een gif is als er een teveel van is). Daarnaast is het belangrijk te weten dat als er te weinig thiamine  is, chemische stoffen glyoxylaat kunnen verhogen, dit is een voorloper van oxalaat. Dit zijn sigarettenrook, rook van hout, uitlaatgassen, smog, mist en sommige huishoudelijke schoonmaakmiddelen.  …Hé, daar zijn de acetaldehyden weer!

 

Thiaminetekort tast werking mitochondriën aan

Als het voedsel in je lichaam afgebroken wordt worden de voedingsstoffen gemetaboliseerd, in dit proces helpen de mitochondriën (de energiecentrales in iedere cel) om energie te creëren (ATP), thiamine zit bovenop de mitochondriën. Thiamine is de vonk, weet je nog wel? Dus het helpt processen te starten, zo is helpt het ook de enzymwerking in de mitochondriën, dit zijn reacties die een vonkje nodig hebben. Poef! Voilà! Dank je wel B1!

Zonder thiamine werken de mitochondriën niet goed, hierdoor kunnen er hele lichaamssystemen verzwakken en ziekten ontstaan. Bijvoorbeeld chronische ontstekingen en een verstoorde immuunfunctie en een steeds groter aantal voedselintoleranties. Chronische thiaminetekorten kunnen autonome functies verstoren waardoor er dysautonomie ontstaat en bij ernstige tekorten beriberi.

Bijnieruitputting en thiamine 

Een onderzoek bij ratten toonde aan dat een thiaminetekort het deel van de bijnieren wat cortisol produceert (zona fasciculata) overstimuleert waardoor er in twee weken tijd een verhoogde corticosteron (ratten hebben corticosteron en mensen cortisol) uitscheiding in de bijnieren ontstond, gevolgd door een complete uitputting na vier weken.

Het gaat hier wel om een extreem laag thiamine gehalte, maar het geeft wel aan hoe belangrijk thiamine is voor een goede bijnierfunctie. 

Een ander onderzoek bij ratten liet zien dat het verhoogde corticosteron gehalte als gevolg van het thiaminetekort de aldosteron verlaagde waardoor er een tekort aan natrium ontstond. 

Aldosteron wordt door de bijnieren vrijgelaten als het natriumgehalte te laag wordt, zodat het natrium weer terug in de bloedbaan komt. Dat is vooral interessant omdat veel van de klachten bij bijnieruitputting wijzen op een elektrolyten probleem en vooral de verhouding van natrium en kalium.

Als aldosteron verlaagd is en er wordt weinig zout ingenomen, krijg je dezelfde klachten als bijnieruitputting. Veel van deze klachten verbeteren als er voldoende zout wordt ingenomen. Bij een onderzoek onder mensen zag men dat bijnieruitputting als gevolg van chirurgische stress voorkomen kan worden door thiamine injecties toe te dienen. (10).   

Thiamine is duidelijk belangrijk voor de bijnieren, een tekort aan thiamine zou de bijnieren uitputten doordat het oxidatie en redox processen aantast. 

Dus, dit punt is echt belangrijk: Thiamine tekort overstimuleert de bijnieren, zorgt voor tekort van aldosteron, waardoor er een natriumtekort ontstaat.

 

Angst door thiaminetekort 

De hypothalamus is het gedeelte in je hersenen die zorgt voor stabiliteit in je gevoelens. Het kan als het ware je gevoelens aan- en uitzetten. De hypothalamus heeft thiamine nodig om goed te kunnen werken. Die vonk weet je wel… De hypothalamus heeft ook dat vonkje nodig om reacties op te starten. Als hier er een tekort is in het sympathische deel van de hypothalamus, is er een verhoogde activiteit in het sympathisch zenuwstelsel waardoor je nerveus en opgewonden raakt. Als je thiamine inneemt, wordt het sympathisch zenuwstelsel rustiger en voel je je kalm en ontspannen worden. In perioden van stress heeft je hypothalamus meer thiamine nodig, als je dan niet voor extra toevoer van deze vitamine zorgt, kan er een tekort ontstaan. In deze periode van tekort kun je angsten, depressie, irritatie en persoonlijkheidsveranderingen krijgen.

Deze psychiatrische verstoringen ontstaan voorafgaand aan lichamelijke verstoringen.  Hierdoor wordt angst en depressie vaak niet herkend als een lichamelijke aandoening.

Sommige mensen met een thiaminetekort hebben paniekaanvallen, moeite met slapen, zweten veel, hebben chronische depressie, duizeligheid en terugkerende ontstekingen. Een van de eerste tekenen van een thiaminetekort en niet goed functionerende hypothalamus is een onstabiel autonoom zenuwstelsel, dit systeem reguleert de bloeddruk, Het is normaal dat je bloeddruk over de dag varieert, zelfs per uur schommelt het licht, maar als de verschil erg groot zijn, kan het een thiaminetekort zijn, zeker als je de volgende symptomen hebt: zenuwtics, neurologische reflex verstoringen, pijn in de buik- en borststreek.

De hypothalamus kan overladen worden met stress door bijvoorbeeld een chronische Ziekte van Pfeiffer, een lang aanhoudend verdriet of een overdosis van verdovingsmiddelen (anesthesie). De hypothalamus kan dan niet herstellen als er niet genoeg thiamine is. Als het tekort een lange periode aanhoudt, kan de hypothalamus het niet goed verwerken en gebruiken, waardoor een tekort aanhoudt. Het herstel kan maanden tot jaren duren. Als je gevoelig bent voor stress is het belangrijk om meer voedingsstof te nemen in de vorm van supplementen om de tekorten die ontstaan door stress, aan te vullen.

Een van de eerste tekenen van een thiaminetekort is angst.

Neem bij angst, paniek, fobie, agorafobie, dwangneurose, PTSS 3 x per dag 100 mg.  In multivitaminen of vitamine B-complex zit een te laag B1 gehalte.

 

Candida en thiaminetekort

Thiamine bevat zwavel en dit helpt candida in evenwicht te houden. Een van de voedingsmiddelen die goed helpen tegen een candida infectie is knoflook. De smaak van knoflook komt van zwavel en allicine, allicine reageert in de darmen met thiamine, waardoor er allithiamine ontstaat. Deze vetoplosbare vorm van thiamine kan makkelijker door membranen dan wateroplosbare thiamine HCL. 

Kruisbloemige groenten bevatten zwavels waardoor allithiamine beter in het lichaam wordt omgezet dan allicine thiamine alleen. Zwavelrijk voedsel verhoogt dus de biologische beschikbaarheid van thiamine.

Knoflook bevat ook zwavel, dit maakt het dus een ideaal middel om candida maar ook andere schimmels en pathogene bacteriën te bestrijden. Allicine helpt candida in evenwicht te houden doordat het thiamine verhoogt.  Het zwavel in knoflook geeft het immuunsysteem ook een boost. Zou het kunnen zijn dat de toename van candida en andere darminfecties ontstaat door een tekort aan thiamine en zwavel? 

Bij onderzoeken in vee, schapen en koeien, zag men dat zwavel het thiaminegehalte verlaagde als er een verhoogd waterstofsulfide gas was. Dit gas ontstaat als er een teveel aan pathogene bacteriën is. 

Bij koeien werd het thiaminegehalte in de hersenen hoger door zwavel, maar de TTP vorm niet. Schapen op een zwavelrijk dieet, konden candida niet bestrijden, men denkt vanwege een verlaagd thiamine gehalte. Toen men extra thiamine toediende, daalde de candida weer naar normale hoeveelheden. 

Heb je candida dan is het verstandig om thiamine als supplement te gebruiken en te letten op waterstofsulfide, wat ons dan brengt bij SIBO. 

 

Thiamine en SIBO

In datzelfde kader, de pathogene bacteriën, maar ook goede bacteriën op de verkeerde plek, kijken we naar SIBO (small intestinal bacterial overgrowth). Kenmerkend voor deze aandoening in de dunne darm is dat de bacteriën veel gas produceren. Er zijn twee gassen in de darm methaangas en waterstofgas. Vooral waterstof gekoppeld aan zwavel: waterstofsulfide. Glyfosaat vergiftiging verhoogt deze stof.

Waterstofsulfidegas ken je als de rotte eieren geur in winden. Dit gas wordt geproduceerd als deel van het metabolisme van sulfaatreducerende bacteriën, alhoewel het ook door andere bacteriën geproduceerd kan worden. 

De sulfaat reducerende bacteriën metaboliseren waterstof met zwavel uit voeding (sulfiet, sulfaat en andere organische vormen) en zetten ze om in waterstofsulfidegas. Een te hoog waterstofsulfidegas is niet goed. De mitochondriën gaan hierdoor minder goed werken en er ontstaat een tekort aan CYP450 enzymen, deze enzymen breken in de lever chemische stoffen af. Zo kan SIBO dus bijdragen aan de een te hoog gifstoffen gehalte in je lichaam.

Sulfiet

Bovendien zorgt waterstofsulfidegas voor teveel sulfiet in het lichaam. Als je problemen hebt met sulfiet, kan dit dus betekenen dat je SIBO hebt. Sulfiet vernietigt thiamine en verlaagt thiamine in witte bloedcellen.  

In een vitro onderzoek zag men ook dat sulfiet ook belangrijke goede darmbacteriën vernietigt: Lactobacillus rhamnosus, lactobacillus casei, plantarum en streptococcus thermophilus.

Er werd sulfiet aan de bacteriën toegevoegd om te kijken hoe veilig sulfiet als voedingsadditief is. Natriumsulfiet en Natrium bisulfiet worden gebruikt als conserveermiddel, hoeveelheden tot 5000 ppm worden als veilig beschouwd.

In het onderzoek zag men dat tot 250 ppm de bacteriën bleven groeien, van 250-750 ppm,ze stopten met groeien en bij hoeveelheden van 2000 ppm ze niet meer levensvatbaar waren. Ofwel afstierven. 

Als toegevoegde sulfiet in voedingsmiddelen dit effect zou dit ook kunnen betekenen dat sulfiet wat in het lichaam ontstaat hetzelfde effect heeft.

Ik kon daar geen onderzoeken over vinden. 

Belangrijk is ook te weten dat lactobacillen belangrijk zijn om thiamine in cellen te transporteren en ze zo door het lichaam te vervoeren.

Vermijd dus voeding met toegevoegd sulfiet.

 

Thiamine en sulfaat

Waterstofsulfidegas is dus niet goed, wat wel goed is, is sulfaat. En nu kan waterstofsulfidegas door de enzymen in de mitochondriën in sulfaat omgezet worden. Mits dit proces goed verloopt…

En dan komt nu thiamine in beeld. 

In voeding met tanninen (koffie, zwarte thee, chocola, wijn), rauwe vis, maar ook in de bijproducten van schimmels als Aspergillus zitten thiaminase enzymen. Deze verlagen de thiamine in je lichaam. Daarnaast verhogen geraffineerde suikers en koolhydraten de behoefte aan thiamine. 

De goede bacteriën in de darm zijn verantwoordelijk voor het synthetiseren van thiamine en zorgen zo dat er voldoende is, maar er zijn ook bacteriën die thiamine vernietigen, zoals Clostridia en Bacillus. Zij produceren de thiaminase enzymen.

Bij SIBO en ook darmdysbiose is er een teveel aan pathogene bacteriën en dit beïnvloedt het thiaminegehalte. In klinische onderzoek zag men dat mensen met SIBO vaker een thiamine tekort hebben. Wat niet vreemd is omdat thiamine in de darmen wordt opgenomen en omgezet naar de biologisch bruikbare vorm en dat de bacteriële overgroei bij SIBO zorgt voor verhoogt sulfiet. 

 

Thiamine en maagverkleining

Thiamine wordt opgenomen in het duodenum. Dit is de twaalfvingerige darm, die zo heet omdat het zo lang is als twaalf vinger diktes. Het is het eerste deel van de dunne darm, na de maag. Dit deel wordt bij een Gastric Bypass of SADI verwijderd. Deze mensen moeten heel hun leven lang een speciaal vitamine supplement slikken omdat er niet meer voldoende voedingsstoffen in de dunne darm opgenomen kunnen worden. De hoeveelheden in deze supplementen zijn iets hoger dan de ADH van het voedingscentrum. De sterkste variant WLS Forte van Fitforme bevat 2,75 mg thiamine. 

Maar als je logisch nadenkt, hadden deze mensen waarschijnlijk al een thiaminetekort, want ze hadden niet voor niets overgewicht: een probleem met de verwerking van suikers en koolhydraten is een teken van thiamine tekort. 

Heb je een van  de volgende ingrepen gehad: Gastro-intestinale chirurgische procedures: gastrostomie, gastrojejunostomie, gedeeltelijke of subtotale colectomie, maag bypass operatie, verticale gestreepte gastroplastiek, therapie met een intragastrische ballon. Neem dan een hoge dosis thiamine.

Thiamine en oestrogeendominantie

Thiamine en riboflavine (vitamine B2) zijn essentieel om oestrogeen in de lever af te kunnen breken. Een vitamine B2 tekort herken je aan:

  • Vermoeidheid
  • Huidschilfers
  • Migraine
  • Opgezwollen keel
  • Ontstekingen rondom de neus
  • Opgezwollen en ontstoken tong
  • Ontstekingen rondom de mond
  • Droge lippen met kloofjes
  • Eczeem • Ontstoken ogen
  • Verminderd zicht.

De symptomen zijn een eerste indicatie voor een tekort, met een urineonderzoek kan er gekeken hoeveel riboflavine er wordt uitgescheiden. Riboflavine vind je voornamelijk in zuivel en vlees.

Riboflavine heeft thiamine nodig voor het “vonkje’’. Dus al is er voldoende B2, zonder thiamine kan het niet goed werken.

 

Thiamine en trage schildklier

Oestrogeendominantie en een trage schildklier gaan hand in hand. Als er te weinig thiamine en riboflavine zijn kan oestrogeen niet afgebroken worden en dit heeft direct invloed op de schildklier en de stofwisseling.  Als je een trage schildklier hebt kan dit voor een verhoogd ammoniakgehalte zorgen. Dit is een van de oorzaken van hersenmist, wat je vaak ziet bij een trage schildklier. Dit komt doordat je bij een tekort aan thiamine koolhydraten niet goed als bron van energie kunt gebruiken en je  lichaam proteïnen in spieren afbreekt om energie vrij te maken. Door die afbraak wordt er ammoniak vrijgelaten. Als je voldoende thiamine hebt, kun je koolhydraten als bron van energie gebruiken. Bij een gebrek zal er dan eerder spierproteïne worden afgebroken. Wat vrij logisch is, de energie moet ergens vandaan komen. Dus door koolhydraten beter te kunnen verwerken, is er minder ammoniak. Als je thiamine aanvult zul je merken dat er minder hersenmist is, je meer helder in je hoofd voelt en je een beter geheugen hebt.

 

Thiamine en acetylcholine

Acetylcholine is een belangrijke neurotransmitter voor de hersenen. Je kunt er goed door leren en is essentieel voor je geheugen. Deze neurotransmitter kalmeert ook de nervus vagus, de zenuw die de darmen met de hersenen verbindt. Als deze zenuw overprikkelt is, staat je lichaam constant in de sympatische stand, dit is een stress stand waardoor je maar niet tot rust komt en overprikkelt bent. 

Acetylcholine is ook belangrijk voor darmmotiliteit, als er een tekort aan deze neurotransmitter is zie je obstipatie. Als je acetylcholine verhoogt met supplementen komt je lichaam tot rust en kun je ook weer helder denken. 

De vraag is: waarom is er een acetylcholine tekort? En ook dit blijkt weer het gevolg van een tekort aan thiamine. Zonder thiamine kunnen de hersenen deze neurotransmitter niet produceren. 

Thiamine is dus essentieel voor gezonde hersenen. Je ziet dit ook bij mensen met  Alzheimer, uit onderzoek blijkt dat zij een tekort aan thiamine hebben. Een te hoog suikergehalte wordt in verband gebracht met Alzheimer, terwijl glucose de brandstof voor de hersenen is. Het probleem is dan een tekort aan thiamine omdat thiamine essentieel is om koolhydraten en suikers als brandstof te gebruiken. Een tekort aan thiamine kan zo de hersenfuncties verminderen. 

Een eerste stap in het verbeteren van het acetylcholine is dan thiamine suppletie. 

 

Thiamine en serotonine

Thiamine zorgt dus voor voldoende glucose in de hersenen, maar ook voor de uitscheiding van serotonine. In een onderzoek bij mensen met depressie zag men dat thiaminesuppletie de depressie verminderde en mensen zich mentaal beter voelden.

Histamine en serotonine beïnvloeden elkaar, hoe hoger histamine, hoe lager serotonine. Serotonine is belangrijk voor de darmmotiliteit en mensen met hoogsensitiviteit hebben ook een tekort aan serotonine. Zo kan een thiamine tekort indirect zorgen voor hogere gevoeligheid voor sensorische indrukken, verhoogt histamine en vele andere klachten die we zien bij histamine intolerantie en MCAS.

 

Thiamine en kwik

Thiamine is een zwavelhoudend vitamine en kwik heeft affiniteit voor zwavel. Kwik zal dus het zwavelcomponent van thiamine lostrekken om het zelf te gebruiken. Zo wordt thiamine onbruikbaar. 

 

Thiamine en Covid

Doordat thiamine op zoveel vlakken zo belangrijk is, speelt een tekort ook een rol bij Covid of influenza A (griep). Een tekort aan thiamine tast het immuunsysteem aan doordat er verhoogde ontstekingen en oxidatieve stress is. Thiamine werkt ontstekingsremmend, het werkt op de macrofagen. Daarnaast onderdrukt het de oxidatieve stress zoals ik besprak in de paragraaf  “De ontstekingsvonk”. 

Thiamine is ook essentieel voor de glucose verwerking in het lichaam. Het is in dit verband dan vrij logisch dat de mensen die met ernstige klachten in het ziekenhuis belanden voornamelijk mensen met bloedsuikerproblemen en overgewicht zijn. 

In 2020 werd er een onderzoek gedaan naar het verband tussen thiamine en SARS-CoV-2. Thiamine helpt dit virus te elimineren door de humorale en celgemedieerde immuniteit te triggeren.  Voldoende thiamine in het lichaam is dus essentieel om immuniteit op te bouwen tegen SARS-CoV-2, ofwel corona.

 

Dosering

Een normale dosering voor suppletie  is 100 mg thiamine suppletie. Als je hoger dan 200 mg per dag neemt is dit een hoge dosering, dit kan je helpen de tekorten aan te vullen. Er zijn mensen waarbij de klachten duidelijk afnamen, maar bij een hogere dosering ook weer meer vermoeid werden, dit komt waarschijnlijk doordat hogere doseringen het DAO enzym blokkeren en de histamine niet goed afgebroken wordt. Een hoge dosis van 300-500 per dag kan goed werken bij mensen met insulineresistentie en hoge bloeddruk. 

Thiamine wordt ook in hogere doseringen genomen, van 600-1800 mg per dag. Deze hoge thiamine therapie is ontwikkeld door Dr. Antonio Costantini en wordt door hem ingezet voor de ziekte van Parkinson, fibromyalgie, MS, chronische cluster hoofdpijn, CVS. Je kunt op de website van Dr. Costantini de onderzoeken lezen en video’s bekijken. https://highdosethiamine.org/

 

Thiamine verlaagt de bloeddruk

Thiamine werkt bloeddruk verlagend. Als je een lage bloeddruk hebt door MCAS kun je je slechter voelen door een hoge dosering. Maar dit hoeft niet perse, het ligt eraan hoe groot je thiamine tekort is en hoe je natrium en kalium balans is. Ik denk dat de natrium-kalium balans in het lichaam essentieel is. De meeste mensen met MCAS/te hoog histamine, hebben een extreem lage natrium gehalte. Extra zout innemen, ⅛ tl op een glas water, kan de klachten zeer zeker voorkomen. De hoeveelheid zout per dag varieert per persoon. 

Begin daarom altijd met een normale dosering van 100 mg per dag. Als het lichaam zich herstelt en de mestcel activering wordt minder, waardoor de lage bloeddruk verdwijnt, kun je dit stapsgewijs verhogen naar 200- of 300 mg per dag. De therapeutische hoeveelheid bij een thiaminetekort is 300 mg per dag, 14 dagen lang. Daarna kijk je hoe je je voelt en of je de dosis kan verlagen, of dat je deze kunt verhogen. Als je een thiaminetekort hebt door een genmutatie kan het zijn dat je langdurig thiamine moet suppleren.

Bespreek een thiamine suppletie altijd met je arts/behandelaar. 

 

Wisselwerking met medicatie en supplementen

De wisselwerking tussen medicatie en supplementen is voornamelijk belangrijk bij hoge doseringen (hoger dan 200 mg). 

Diuretische medicatie -kalium

  • Een verhoogde thiamine inname kan de kalium status verlagen. Bij MCAS patiënten zie ik vaak een sterk verlaagd kaliumgehalte in het haarmineraal onderzoek en een normaal kaliumgehalte in het bloed.  
  • Kalium verlaagt de bloeddruk. Als je een hoge bloeddruk hebt, kan dit door een hoge dosis thiamine nog hoger worden. Zorg dat je geen vocht verliest.
  • Diuretische medicatie zorgt voor afvoer van overtollig vocht. Als er een tekort aan kalium is gaat lichaam vocht vasthouden.  Gebruik geen diuretische medicatie of natuurlijke middelen zoals paardebloemwortel. Dit kan direct zorgen voor een tekort aan kalium.
  • Natrium zorgt ervoor dat er vocht wordt vastgehouden. De meeste mensen met MCAS hebben naast kalium ook een groot natrium tekort. Neem extra zout in. Zout werkt als een anti-histamine.

Hoge dosis thiamine blokkeert de werking van DAO

DAO is het belangrijkste enzym wat histamine afbreekt in de darmen. Heb je baat bij een DAO suppletie, dan heb je histamine intolerantie door een darmprobleem. Als je dan hoge doseringen thiamine neemt, kan dit de werking van DAO blokkeren waardoor histamine niet goed wordt afgebroken.  Heb je MCAS, dan heb je te hoog histamine door mestcelactivering in heel het lichaam, of in het deel wat het meest verzwakt is, dan zit het probleem niet perse in de darmen.  Wel kan het zo zijn dat als DAO geblokkeert wordt, de klachten in de darmen verergeren, maar dit zou ook weer deels opgeheven kunnen worden doordat de gezondheid van de darmen verbetert en er veel minder fermentatie en gifstoffen zijn en dus minder mestcel activatie.

 

Wat gebeurt er bij een teveel aan thiamine?

Een teveel aan thiamine wordt door het lichaam weer afgevoerd, je plast het uit. Je hoeft dus niet bang te zijn dat een hoge dosering schadelijk is.

 

Waarom wordt ons niet verteld hoe belangrijk thiamine is?

Wist je dat als een patiënt op de eerste hulp in het ziekenhuis komt met een alcoholvergiftiging of een  patiënt dreigt te sterven, de arts de patiënt een infuus met een Banana Bag geeft? Het heeft niets te doen met bananen, maar het is een gele IV vloeistof. Geel door de B2-vitaminen en heeft daarom deze naam gekregen.

De Banana Bag bevat glucose, vitaminen en mineralen. Het is een halve of 1 liter zak met zoutoplossing met 3 gram magnesiumsulfaat (Epsom zout), 1 mg methylfolaat en 100 mg thiamine. Niet alle zakken bevatten magnesiumsulfaat. Dit wordt alleen gebruikt als er uitdroging is en om zenuw- en spierklachten te verminderen. Daarnaast bevat het ook nog vitamine A,C,E, K, de B-vitaminen, calcium ijzer en kalium.

Het is vreemd dat mensen met allerlei medicatie volgestopt worden in niet levensbedreigende situaties, terwijl heel veel klachten en ziekten voorkomen kunnen worden als er voldoende folaat, thiamine en magnesium sulfaat in het lichaam is.  Want kende jij de Banana Bag? Waarschijnlijk niet. Er valt geen geld te verdienen met eenvoudige vitaminen en mineralen, dus gaan ze dit niet aan de grote klok hangen. Voor je het weet worden mensen niet meer ernstig ziek. 

De farmaceutische industrie is zo extreem overheersend dat zelfs de kleinste dorpjes nog een apotheek hebben, ook als er geen bakker, groenteboer of slager is.  In Nederland valt het nog mee, maar in bijvoorbeeld Frankrijk of Spanje, zie je meer apotheken dan iedere andere winkel. Het is booming business! 

Het beste verdienmodel is medicijnen ontwikkelen en verkopen om de gevolgen van voedingsstoffen tekorten op te heffen. Dus het voorkomen van deze tekorten is funest voor deze bedrijven. Gezondheid is een bedreiging voor deze industrie.

Voldoende voedingsstoffen zijn de basis voor je algehele gezondheid van al je cellen. Thiamine tekort  zorgt voor heel veel problemen. Begin met dit aan te vullen.

Bij MCAS is het verhogen van sulfaat essentieel en daarnaast het aanvullen van thiamine. In dit stuk is foliumzuur/folaat ook een aantal keer voorbij gekomen, maar dit kun je niet zomaar aanvullen, omdat dit een histamine reactie kan veroorzaken. Wil je folaat gebruiken dan is het aan te bevelen niet meer dan 200 mg per dag in te nemen.

Dus wat zeg je ervan? Frappant toch?

Dit artikel is alleen ter informatie en dient niet om te genezen. Heb je gezondheidsklachten, bespreek deze dan met je arts/behandelaar. Als zij niet op de hoogte zijn van bovenstaande informatie, laat hen dan dit dan lezen.

 

BRONNEN

Thiamine en SARS-CoV-2
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC8190991/

Folaat en thiamine transporters
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC3831518/ 

Mangaan suppletie verhoogt gebonden thiamine en verlaagt pyrodruivenzuur.
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/7376556/ 

Thiaminetekort zorgt voor overstimulatie bijnieren: verhoogd cortisol>verlaagt aldosteron> en natriumtekort
https://academic.oup.com/jn/article-abstract/34/1/1/4725811
https://academic.oup.com/jn/article-abstract/111/11/1955/4771201?redirectedFrom=fulltext
https://synergyhw.blogspot.com/search/label/Adrenal%20Fatigue
https://synergyhw.blogspot.com/2015/04/the-importance-of-addressing-thiamine.html

Wisselwerking thiamine, medicatie en supplementen
https://archive.is/npAsO

Serotonine en thiamine
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC3521461/

Thiamine vermindert kwikvergiftings symptomen
https://en.m.wikipedia.org/wiki/Mercury_regulation_in_the_United_States

Thiamine,  CVS en fibromyalgie
https://www.healthrising.org/blog/2021/04/15/thiamine-b-1-chronic-fatigue-syndrome-fibromyalgia/

Thiamine en de schildklier
https://www.forefronthealth.com/thiamine-and-thyroid/

Sibo en thiamine
https://www.eonutrition.co.uk/post/got-sibo-here-s-why-you-need-to-get-your-thiamine-status-checked

Thiamine en candida
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/23962856/
https: //pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/2300721/

Angst, fobie en paniek en thiamine
https://archive.org/details/whatyourdoctorma00hunt

Thiamine en asymmetrische dysautonomie. De noodzaak voor thiamine in de  hersenstam, cerebellum, en hypothalamus

https://www.sciencedirect.com/science/article/abs/pii/S1043452617300372?via%3Dihub

https://doi.org/10.1016/bs.afnr.2017.11.001

Water oplosbare B vitaminen
https://www.sciencedirect.com/bookseries/advances-in-food-and-nutrition-research/vol/83/suppl/C

Obesitas en thiamine
https://academic.oup.com/advances/article/6/2/147/4558021?login=false

Alzheimer en thiamine
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/22218733
https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/2969232

Creatine en thiamine bij vermoeidheid en trage darmmotiliteit/obstipatie
https://hackyourgut.com/2016/12/10/creatine-thiamine-a-powerful-combo-for-fatigue-and-slow-motility/

 

Cardiovasculaire problemen en thiamine
Thiamine deficiency and cardiovascular disorders.

 

 

Metformine blokkeert de Thiamine Transporter SLC19A3
Metformin Is a Substrate and Inhibitor of the Human Thiamine Transporter, THTR-2 (SLC19A3).  

Benfotiamine glucosemetabolisme
http”://www.nutriavenue.com/benfotiamine-the-lipid-soluble-thiamine-for-improved-glucose-metabolism/

Thiamine en de mitochondriën
https://www.hormonesmatter.com/mitochondria-stuck-battleship-mode-healing-cycles-diet/

Aldehyden en gezondheid
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/16417045/

 

CVS fibrromyalgie en thiamine
https://www.healthrising.org/blog/2021/04/15/thiamine-b-1-chronic-fatigue-syndrome-fibromyalgia/

 

Thiamine gezondheidsvoordelen
https://www.ayurtimes.com/thiamine-vitamin-b1-health-benefits/

 

Oxalaat afbraak
https://www.pnas.org/content/113/2/320

Thiamine hoge dosis hyperglycemie en hoge bloeddruk
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/25982678/

Thiamine en banana bag
https://www.mercuryfreekids.org/mercury101/2018/1/21/thiamine-saves

Bijwerkingen van foliumzuur
https://www.drbenlynch.com/folic-acid-side-effects/

Sulfiet en de darmflora
https://journals.plos.org/plosone/article?id=10.1371/journal.pone.0186629

Het verhaal van Johan

Succesverhaal na 30 jaar verslaving

Mijn naam is Johan Bakker en ik ben 46 jaar oud. Ik hoop dat ik anderen mensen kan inspireren door mijn verhaal met jullie te delen. Je kunt beter worden door aan je gezondheid te werken. 

Op mijn twaalfde kwam ik voor het eerst in aanraking kwam met softdrugs wat zich ontwikkelde naar wekelijks harddrugsgebruik op mijn zeventiende. Ik stopte met school en ging werken. Ondanks mijn gebruik waardoor ik nog maar weinig sliep, vaak maar vijf uur per dag, heb ik mij nooit een dag ziek gemeld.

Door dit bizarre leven ontwikkelde ik chronische slapeloosheid, ik sliep nog maar tien tot vijftien uur per week en dat brak me op, ik ben toen slaapmiddelen gaan gebruiken, ook hier raakte ik aan verslaafd. 

Op mijn tweeëntwintigste begon ik naast mijn werk weer met studeren, vijf jaar lang ging ik maar één keer per week uit. Daarna, op mijn zevenentwintigste, begon alles weer van vooraf aan. Toen ik op mijn negenentwintigste op mijzelf wonen ging ik dagelijks drinken en gebruiken en sloeg ik weer nachten over. Ik heb in deze periode van vijf jaar gemiddeld drie slaappillen per dag genomen totdat ik nog maar drie uur per nacht sliep op drie pillen. Dit vond ik toch niet normaal. 

De ommekeer

Daarom ben ik toen in één keer gestopt met de slaapmiddelen waardoor ik ruim drie maanden in een depressie geleefd heb, maar gelukkig trok dat bij. Ik was ondertussen ook gestopt met cocaïne, speed en xtc omdat mijn lichaam daarop niet meer goed reageerde. Alcohol werd toen mijn primaire verslaving. Tot ik op 20 oktober 2017 wakker werd met heel veel zenuwpijnen in mijn armen en benen. Dit was het moment dat ik dacht: Nu is het echt genoeg geweest en ben ook in één klap gestopt met drinken.

Ik was toen een week vrij van mijn werk en dacht deze week kan ik goed gebruiken om bij te komen. De eerste paar dagen heb ik alleen maar naar het plafond liggen staren en was ik flink aan het bibberen en zweten.

Met de steun van mijn vriendin Rachel heb ik in december 2017 besloten helemaal definitief  met drinken te stoppen. Aan Rachel heb ik alle steun gekregen die je maar kunt bedenken. Rachel werkt in de zorg en is inderdaad een zorgzaam type. 

Begin van het herstel

Ok, het herstel kan beginnen. Het is intussen 20 februari 2018 ik zit precies vier maanden in mijn herstel. Nog geen dokter gezien want nee ook hierin neem ik mijn verantwoording: Had je maar niet zo hard moeten leven Johan :-). 

Ik liep in het magazijn van mijn werk en toen werd ik in mijn staart gepakt, ik wist meteen: O jee, ik zit nu in een burnout. Op dat moment ben ik direct op internet gaan kijken hoe ik dit aan moest pakken en kwam terecht bij acupunctuur en kon daar begin maart terecht voor mijn eerste behandeling. Op het werk had ik nog niks verteld en ging ik gewoon naar mijn werk. Na zes weken was de situatie voor mij onhoudbaar en ben toen naar mijn baas gestapt en verteld dat ik in een burnout zat maar absoluut niet in een burnout traject wilde en dat ik zelf mijn herstel aanpakte. Ik kreeg de ruimte en mocht ook eerder naar huis als ik het niet meer trok.

Ik begon mij te verdiepen vooral in het herstel van mijn verslaving en burnout, ik heb hier veel over gelezen en was erg bezig van hoe kan ik mij verbeteren. 

Drie maanden lang ging ik elke week een uur naar de acupunctuur wat mij erg goed heeft gedaan. Ik ben gezonder gaan eten en supplementen gaan gebruiken zoals Ashwagandha en Rhodiola, dit zijn kruiden die o.a. stress reguleren. Daarnaast een multivitamine, magnesium, vitamine C en D en probiotica. Goede bio-actieve supplementen en geen synthetische rommel. 

Ik werkte nog zeven uur per dag en ging één keer per week naar Tai Chi en één keer per week een uurtje tafeltennissen voor de rest 1 x per dag een halfuurtje wandelen bij het strand, heerlijk het rustgevende geluid van het water, het werkte herstellend  bij mijn overprikkeling.

Tai Chi ging ik ook dagelijks toepassen thuis wat mij ook veel rust gaf.

In oktober 2018 kreeg ik een griepvirus waar ik slecht van herstelde en ben toen, jawel, voor het eerst naar mijn huisarts gegaan en heb het hele verhaal verteld. Mijn huisarts had hett nog nooit in zijn praktijk meegemaakt dat iemand met zo’n verleden met zichzelf aan de slag is gegaan. Hij vond het reuze interessant en ik ben nog steeds elke 2 maanden bij hem om mijn voortgang te te bespreken. 

In november 2018 had ik nog steeds veel zenuwpijnen vooral in de ochtend na het slapen. Ik ben op internet gaan zoeken om te kijken of er een therapie is die dit weg kan nemen. BSR staat voor Body Stress Release en ja hoor een schot in de roos, na twee behandelingen was ik van de zenuwpijnen af. Wat een bevrijding :-).
Daarna begon ik met ademhalingsoefeningen omdat ik nog wel vrij hoog in mijn adem zat door de burnout. Eerder was dit niet mogelijk omdat ik zoveel stress ervaarde dat ik mij niet kon concentreren. Ik heb veel baat gehad bij de ademhalingsoefeningen en begon ook met mediteren. Vijf keer per week deed ik een geleide bodyscan van 45 minuten wat ik als zeer prettig ervaarde. Eindelijk kon ik door het mediteren mijn piekergedachten stopzetten.

Voedselallergie

Het is maart 2019 en begin langzaam uit mijn burnout te komen. Rachel en ik hebben besloten om te gaan samenwonen en ik verkocht mijn huis binnen een paar weken. Na het verkopen van mijn huis had ik geen burnout symptomen meer. Wat er overbleef was een pittige voedselallergie, ik dacht altijd dat al die ontstekingen op mijn borst, rug en gezicht door de het slechte leven kwam. Indirect is dat natuurlijk wel zo want ik heb mijn lichaam volledig afgebroken. Nu we afgerekend hebben met alcohol, drugs en een burnout blijft er een restant over en dat is een voedselallergie. 

Elke keer als ik weer iets verkeerds gegeten had kreeg ik huidontstekingen, depressies en zware vermoeidheid. Ik begon mij te verdiepen in mijn allergie op internet en kwam erachter dat ik een histamine intolerantie heb. Mijn huisarts zei op een schaal van 0 tot 10 scoor je een 12 nou dat is een mooi compliment :-). 

Nu ik wist dat het een histamine intolerantie is, kon ik veel gerichter bezig zijn met wat ik wel en niet kon eten en drinken. Het is een behoorlijke zoektocht geweest maar mijn herstel gaat stukje bij beetje vooruit. Nu ik wist wat ik wel en niet kon eten ging het leven een stukje makkelijker. Ik heb in februari tot mei bijna geen allergische reacties gehad omdat ik al mijn groenten ging stomen en geen vlees meer ging eten. Ik at nog maar tien dingen zoals broccoli, bloemkool, wortel, pastinaak, courgette, zoete aardappel, ui, knoflook veel meer dan dit niet.
Opeens half mei kreeg ik weer ontstekingen, depressies en vermoeidheid en begreep in eerste instantie niet waar dat ineens vandaan kwam maar natuurlijk, we wonen naast de hei en had dus erg last van hooikoorts. Ik ben met de huisarts twee maanden bezig geweest om het juiste hooikoorts medicijn voor mij te vinden en kwamen uit op Tavegil dat is de Rolls Royce onder de antihistaminica waardoor we de ontstekingen onder controle kregen.

Met het vooruitzicht op volgend jaar zomer ben ik op internet gaan zoeken om op een holistische manier van mijn hooikoorts af te komen omdat de medicijnen van de huisarts niet zaligmakend zijn.
In juni 2020 heb ik een afspraak gemaakt met een natuurgeneeskundige en hebben ze mijn bloed laten testen op laaggradige ontstekingen. En ook dit is een schot in de roos want mijn bloedtest scoorde alles in het rood wat betekent dat de ontstekingen in mijn lichaam afgeremd moeten worden d.m.v. hoge doseringen omega 3 olie EPA/DHA. Ondertussen ben ik er ook achter gekomen dat het niet helemaal een histamine intolerantie is maar dat mijn mestcellen 

overactief reageren op stoffen die eigenlijk onschuldig zijn waardoor de mestcellen chemische stoffen afgeven waaronder histamine. Ik ben weer verder gaan zoeken en heb nu een supplement gevonden die de mestcellen stabiliseren het heet Palmitoylethanolamide ofwel PEA dit middel heeft mij een paar maanden goed geholpen maar verliest zijn kracht en kreeg weer reacties op voeding.

Toen ben ik weer verder gaan speuren op het internet op zoek naar een ander supplement en heb een uiterst krachtig supplement gevonden ganoderma lucidum ofwel reishi paddestoel van hoge kwaliteit zen reishi sporen die de werkzame stof triterpenoïde bevat die o.a. histamine tegengaat. In 3 jaar tijd heb ik nog niet zo’n krachtig supplement gebruikt.

Nu gebruik ik de volgende supplementen;

Reishi sporen – Tarwegras – Spirulina – Marine Phyto plankton – Enzymen complex – Liposomale Magnesium – MSM – L Glutamine – Moringapoeder/thee/olie 

Vitamine D+K+Jodium – Curcumine – Solgar l glutathione – ZinZino omega 3 balance oil – Cozidase B6/Koper/Zink 

Nadat ik een helse zomer had meegemaakt met de hooikoorts ging het gelukkig beter en door de reishi sporen te nemen kreeg ik een enorme energieboost. Ik nam drie keer drie  gram per dag, dit is hooggedoseerd.

Terugval

Ik voelde mij in oktober en november 2020 zo goed dat ik dacht dat ik mijn allergie onder controle had en in december een hele grote fout heb gemaakt door in 1 week van alles te gaan eten.

Bittergarnituur, pepernoten, gevulde speculaas, gevulde koek, ijs en slagroom. De eerste paar dagen was er nog niks aan de hand dus ik dacht ik ben sterk en de reishi helpt mij er bovenop.

Maar niks was minder waar want vanaf de tweede week van december heb ik tot half januari ontzettend veel ellende meegemaakt en ben daar erg van geschrokken. Mijn systeem begon weer aan alle kanten te haperen. Zware vermoeidheid, depressies, verstoppingen, diarree en 5 weken lang buikpijn etc. Ik ben dan ook niet het aller gezelligst en ga dan meestal na het werk eerst eten en daarna op bed liggen omdat ik niet Rachel en Soleil tot last wilt zijn. Voor hun is het ook niet makkelijk maar gelukkig zijn er altijd voor mij. Dat het nu even helemaal anders moest gaan was nu wel duidelijk. 

Histamine, oxalaat en salicylaat 

In december heb ik online een histamine arm kookboek gekocht van Lisa Goudzwaard en we zijn nu een maand deze recepten aan het uitproberen met groot succes. Ik ben Lisa dankbaar voor al deze lekkere en herstellende recepten. Gisteren heb ik het boek ontgiften van Oxalaat en Salicylaat gekocht en er worden mij nu dingen echt duidelijk. Bijvoorbeeld in witlof zit geen histamine of oxalaat maar wel salicylaat en bramen, kersen en bessen ook geen histamine maar wel de andere gifstoffen. Maar ook peulvruchten etc., allemaal eten waarop ik niet goed reageer.
Het boek is heel helder en duidelijk geschreven kortom ik ben fan van je Lisa :-).
Nu kan ik nog gerichter te werk gaan met het herstellen van mijn lichaam en nee ik zal niet meer in een week zoveel troep naar binnen werken.

Hoe is het nu na drie jaar?

We zijn nu ruim 3 jaar verder en ik kan alles weer. Wat ik nu doe is één keer per week tafeltennis, één keer per week sportschool en twee tot drie keer per week yoga en fulltime werken :-).

Daarnaast heb ik ook andere interesses ontwikkeld zoals lezen. Ik lees nu anderhalf jaar boeken o.a. spirituele boeken Eckhart Tolle, Deepak Chopra en over het boeddhisme en voeding. Ook ben ik inmiddels begonnen met een cursus voedingsleer want gezond eten is de basis voor een gezond leven,

Johan

Het menselijk lichaam is superslim is en het herstellend vermogen is enorm groot. Het is echt mogelijk om na een langdurige verslaving weer gezond te worden. 

Heb jij ook problemen met een teveel aan histamine en of mestcellen en wil je je verhaal met ons delen? Stuur dan een mail naar info@histamine-intolerantie.nl. We nemen dan contact met je op

Hoe meer ervaringsverhalen we verzamelen hoe meer je anderen steunt en we de ontwikkeling binnen de medische wetenschap kunnen ondersteunen. Zodat er meer aandacht en oplossingen komen voor een verhoogd histamine gehalte en mestcelactivatie.

Het verhaal van Antoinette

Ik ben Antoinette, 53 jaar, en ik heb, ik denk al heel mijn leven, last van histamine-intolerantie. Daarnaast ook al van kinds af aan hooikoorts, dus histamine is wel een dingetje.


Ik heb als kind erg veel antibiotica geslikt, wat waarschijnlijk de ontwikkeling van mijn immuunsysteem behoorlijk verstoord heeft, dit zal dus een rol spelen in het geheel.
Mede door de overgang, denk ik, zijn mijn klachten veel ernstiger geworden. Zodanig dat het onleefbaar werd en er meer aan de hand leek te zijn, uiteindelijk werd door een specialist de ziekte van Sjögren vastgesteld. Dit is een auto-immuunziekte waarbij de slijmvliezen worden aangetast. Droge mond en ogen zijn het meest kenmerkend, maar in mijn geval is ook het hele spijsverteringsstelsel extreem gevoelig. Dus de juiste voeding, voeding die geen irritaties kan geven en die de conditie van de darmwand verbetert, is voor mij extra van belang.


Ik heb het idee dat er zeker een relatie is tussen deze en andere auto-immuunziekten enerzijds en histamine-intolerantie anderzijds en dat het elkaar versterkt. De kern ligt uiteindelijk toch in het functioneren van de darmen omdat daar voor een groot gedeelte het immuunsysteem en overgevoeligheidsreacties hun oorsprong vinden. 

Na jáaaaaren lang zoeken en puzzelen heb ik nu eindelijk een lijstje van richtlijnen weten samen te stellen wat werkt voor mij. En ook al zit iedereen anders in elkaar en reageert ieder op zijn/haar eigen specifieke manier op bepaalde producten, misschien hebben anderen er ook iets aan:

  • Veel water drinken.
  • Na opstaan, voor ontbijt sole   (glas water met 1/3 theelepel keltisch zeezout)
  • Ongeveer een half uur bewegen (fietsen, wandelen, tai chi e.d.) vóór het ontbijt, in totaal minimaal een uur per dag.
  • Vitamine c. (Ik prefereer Sambucol, capsules, immunoforte met zink)
  • Zo histaminevrij mogelijk eten uiteraard. De SIGHI lijst vind ik het beste en is het meest uitgebreid. Bij enkele items werkt het bij mij anders maar het merendeel klopt.
  • Bij (de minste) twijfel/verdenking van te histaminerijke maaltijd DAOSIN gebruiken
  • Veel komkommer en ook rauwe wortel eten
  • Drinken van pepermuntthee en brandnetelthee
  • Vermijden van gluten, granen,  pseudogranen, (behalve witte rijst(meel), dat gaat goed); en de meeste fruitsoorten (dit ook ivm kruisallergieën door hooikoorts)
  • Niet te vol eten, alleen eten wanneer ik honger heb (lastig 😉 )
  • Ik gebruik extra vitamine D
  • Ik gebruik borageolie ( 3 p.d.) capsules en kabeljauwleveroliecapsules (1 p.d). Gebruik ook vrij veel (onverhitte extra vierge) olijfolie. En ben pas begonnen met zwarte komijnzaad-olie, dat lijkt ook wel wat te doen maar zal op langere termijn duidelijker worden. Is erg sterk dus ik gebruik echt heel weinig.
  • Indien nodig, zeker in het hooikoorsts seizoen (maar dat is nu bijna het hele jaar door) anti-histamicum (allegra werkt het beste bij mij). Liever geen pillen voor mij maar dit levert mij uiteindelijk toch veel op
  • Bepaalde acupunctuurpunten kunnen zeker bijdragen aan een betere balans en minder klachten en een kalmerend effect hebben.
  • Letten op ontspannen, diepe ademhaling en op houding (rechtop, geopende borstkas, ontspannen schouders)
  • Als ik echt veel last heb van droogte in keel en longen gebruik ik een longvernevelaar met fysiologisch zout-oplossing. Dat bevochtigt en kalmeert, ook bij hooikoorts.
  • Sinds een tijdje heb ik een aardingslaken op mijn bed, dit geeft extra ontspanning en reguleert en versterkt het immuunsysteem (onder andere)
  • Mediteren


Heb jij ook problemen met een teveel aan histamine en of mestcellen en wil je je verhaal met ons delen? Stuur dan een mail naar info@histamine-intolerantie.nl. We nemen dan contact met je op.

Hoe meer ervaringsverhalen we verzamelen hoe meer je anderen steunt en we de ontwikkeling binnen de medische wetenschap kunnen ondersteunen. Zodat er meer aandacht en oplossingen komen voor een verhoogd histamine gehalte en mestcelactivatie.

Hoe je genen je histamine verhogen

We hebben tot nu altijd gehoord dat je genen zijn wie je bent en dat je hier niets aan kunt doen, leer er maar mee leven. Gelukkig zijn deze tijden voorbij. Tegenwoordig weten we dat je je genen kunt beinvloeden. Dit noemt men  epigenetica.
Lees in dit artikel welke genen belangrijk zijn bij histamine intolerantie en het mestcel activatie syndroom en wat je kunt doen om deze te verbeteren.

Het is handig om te weten welke genen je klachten veroorzaken, zeker als je al van alles aan je gezondheid hebt verbetert, je darmen en je lever werken goed maar ondanks alles blijf je klachten houden. Of je bent net nieuw op dit vlak en wil het vanaf de start grondig aan pakken met alle kennis die er is. 

Je kunt zelf je  genen laten onderzoeken. Je ziet dan aan de hand van een eenvoudige DNA test welke genmutaties je hebt. Een genmutatie noemt men een SNP (spreek uit snip) of een polymorfisme.  De SNP’s in jouw DNA maken de persoon die je bent. Anders zouden we allemaal kloons van elkaar zijn. De SNP’s maken ieder mens uniek en daarmee ook ieder mens vatbaar voor andere verstoringen in de lichaamssystemen. Het betekent dus niet dat als je een bepaalde mutatie hebt, je daar dan ook ziek van wordt. Je hebt er alleen meer aanleg voor en pas als er lichaamssystemen uit balans zijn, kun je sneller een aandoening ontwikkelen omdat sommige genen waarbij een SNP is, langzamer of sneller werken waardoor je een tekort of een teveel van sommige stoffen hebt.

 

Wetenschappelijke onderzoeken 

MCAS is een aandoening waarbij heel veel verschillende stoffen betrokken zijn, een mestcel laat veel mediatoren vrij bij degranulatie. Daarnaast kan een mestcel om veel verschillende redenen degranuleren. Er zijn tot nu toe geen wetenschappelijke genetische onderzoeken geweest naar bepaalde SNP’s die MCAS zouden veroorzaken. MCAS is net als HIT het gevolg van lichaamssystemen die uit balans zijn.  Er zijn dus, zoals we er nu naar kijken, veel verschillende genen betrokken bij het ontstaan van MCAS , veel meer dan bij HIT.

Genen en enzymen

Genen zijn de codes voor enzymen en bepalen of er veel of weinig van een enzym is en of deze goed werken.  Bij sommige genen staat de werking aangegeven, deze kun je aflezen op een DNA onderzoek bij 23andme.com of Ancestry.com.  De gegevens komen Genetic Lifehacks. Als er gegevens over een gen zijn heb ik ze overgenomen.

De lijst wordt nog zo nu en dan aangevuld.

DAO, diamine oxidase

Het gen wat DAO codeert heet AOC1 (Amine Oxidase Copper Containing 1).  DAO breekt de volgende biogene aminen af: histamine, putrescine, spermine en spermidine. Het is betrokken bij allergische en immuunresponsen, celprolifatie (celgroei), weefsel differentiatie, tumorformatie en mogelijk apoptose (geprogrammeerde celdood).  Men denkt dat het DAO in de placenta een rol speelt in de regulatie van de  functie van de vrouwelijke reproductie organen. 

Andere namen voor het DAO gen zijn: AOC1 , histaminase, ABP1, ABP, DAO1, KAO, Amiloride-Sensitive Amine Oxidase, EC 1.4.3.22.

Een allergie voor Trimethoprim  wordt in verband gebracht met een SNP in het AOC1 enzym. Trimethoprim is een antibioticum voor de behandeling van blaasontstekingen.

Naast AOC1 is er ook nog het AOC2 gen, deze breekt histamine, dopamine en putrescine af. 

De Biogene aminen worden met behulp van het histamine metabolisme in vier verschillende paden afgebroken:

1. Histidine stofwisseling, hierbij zijn 23 genen betrokken.  (link)
2. Histamine biosynthese, hierbij is 1 gen betrokken (link)
3. Histamine katabolisme hierbij zijn 8 genen betrokken. (link)
4. Histamine afbraak,  hierbij zijn 2 genen betrokken (link)
Bij de histamine afbraak zijn DAO en HNMT genen betrokken, maar in de hele stofwisseling zijn 23 genen betrokken.

Daarnaast is het DAO gen ook afhankelijk van de groep Cytochroom 450 enzymen in de lever. Deze enzymen breken medicatie, supplementen, hormonen ene gifstoffen af en zijn betrokken bij de afbraak van histamine, o.a. met behulp van methylatie. Als er SNP’s in deze groep enzymen zijn kun je moeilijker stoffen afbreken, zie verder bij CYP 450.

De werking van dit AOC1 wordt verlaagd door Amiloride, een diuretisch medicijn.

Als het AOC1  langzamer werkt heb je een tekort aan DAO en zul je altijd extra aandacht moeten besteden aan je darmgezondheid en de co-factoren (vitamine en mineralen) om DAO te produceren en activeren. Daarnaast moet je ook op blijven letten met histaminerijke voeding.

De genetische code voor AOC1 is rs10156191 (23andMe v4; AncestryDNA):

  • C/C: normaal
  • C/T: verminderde DAO productie, verhoogd risico op migraine door verhoogd histamine.[ref]
  • T/T: verminderde DAO productie [ref][ref], verhoogd risico op migraine door verhoogd histamine. [ref]

HNMT, histamine n-methyltransferase

Het gen wat het HNMT enzym codeert is C314T, in het genetisch rapport is dit:  rs11558538

Een mutatie in het C314T gen zorgt voor 30 tot 50% minder activiteit van het HNMT gen. 

In dit onderzoek zag men dat een SNP in dit gen een risicofactor is voor de ontwikkeling van atopisch dermatitis (atopisch eczeem) astma en allergische rhinitis. 

In dit onderzoek zag men dat mensen van Chinese afkomst een lager HNMT activiteit hadden dan kaukasische mensen. Hierdoor komt een maagzweer vaker voor bij Chinezen. 

Men brengt een verlaagd HNMT in verband met een hoger histamine gehalte in de hersenen waardoor er een hoger risico is op de ziekte van Parkinson en ADHD. Link

Andere genen die de werking van het HNMT enzym beinvloeden:  

De rs1050891 (939A>G, 3′-UTR)  varianten zorgen voor een verhoogde werking  (messenger RNA stabiliteit), terwijl rs758252808 (c.179G>A, p.Gly60Asp) en rs745756308 (c.623T>C, p.Leu208Pro)  voor een verlaagde werking zorgen.  (Wikipedia)

SAMe

S-adenosylmethionine (AdoMet, ook wel SAMe genoemd) is de biologische hoofddonor van methyl. Het wordt in alle cellen gesynthetiseerd, maar voornamelijk in de lever. SAMe heeft voor de biosynthese het enzym methionine adenosyltransferase (MAT) nodig. In zoogdieren zijn er twee genen, MAT1A die voornamelijk in de lever wordt uitgescheiden en MAT2A wat door alle weefsels buiten de lever wordt uitgescheiden. Mensen met een chronische lever ziekte hebben een verminderde MAT activiteit en daardoor lagere SAMe gehalte.

85% van de methylatie van SAMe vindt in de lever plaats.

HNMT is afhankelijk van een goede methylatie en voldoende SAMe, (s-adenosyl methionine). Om dit voldoende aan te kunnen maken is er voldoende vitamine B12, B6, folaat nodig. Daarnaast kan er een SNP in het gen zijn. Het gen voor SAMe is  MAT2A (Methionine Adenosyl transferase 2A. Dit enzym maakt SAMe uit methionine en ATP.

Interessant om te weten is dat SAMe een niet competatieve verlager is van CYP2E1 activiteit, en als SAMe verlaagd is worden hepatocyten gesynthetiseerd naar CYP2E1  waardoor deze te toxisch is. Daardoor zou exogene SAMe beschermen tegen CYP2E1-afhankelijke hepatotoxiciteut in vivo ()

In Nederland is SAMe als supplement te krijgen,  maar in Rusland, India, China, Italie, Duitsland, Vietnam, Mexico alleen op recept te vergrijgne is.(informatie van María Roche, International Pharmaceuticals Abbott).

Link

DPP4, dipeptydylpeptidase 4

Andere benamingen: DPPIV, CD26; ADABP; ADCP2; DPPIV; TP103; Post-Proline Dipeptidyl Aminopeptidase IV; Xaa-Pro-Dipeptidylaminopeptidase; Gly-Pro Naphthylamidase; Dipeptidyl-Peptidase 4; Dipeptidylpeptidase 4;CD26 Antigen; DPP4

Het DPP-4 gen wordt codeert het enzym dipeptidyl peptidase 4, dit is identiek aan ADCP-2 (adenosine deaminase complexing proteine-2) en aan het antigen wat de T-cellen activeert CD26. 

Het is sterk betrokken bij de stofwisseling van glucose, insuline en de immuunregulatie. 

Dr. Afrin de onderzoeker op gebied van MCAS, ziet dat iedereen met lMCAS insulineresistentie heeft. Een tekort aan DPP-IV zou daar een verklaring voor kunnen zijn, maar dit is mijn eigen conclusie en is nog niet verder onderzocht.

Het is aangetoond dat het eiwit ook een functionele receptor is voor het Midden-Oosten ademhalingsprobleem bij het coronavirus (MERS-CoV)
en eiwitmodellering suggereert dat het een vergelijkbare rol kan spelen met SARS-CoV-2, het virus dat verantwoordelijk is voor COVID-19. [verstrekt door RefSeq, april 2020]

Het DPP-4 enzym wordt gestimuleerd door vitamine A.

Voedselintoleranties en voedselallergien
DPP-4 prolifereren in T-cellen, B-cellen, NK-cellen.
Deze cellen en hun bijproducten (antistoffen) spelen een centrale rol in het adaptieve of verworven immuunsysteem.
Dit is het aanpassingsimmuunsysteem tegen ziekteverwerkers zoals pathogenen en eiwitten die antistof-reacties kunnen teweegbrengen (bv. de IgG, IgE antistoffen door voeding)
Verstoringen in de werking van CD26 zijn betrokken bij diverse (auto) immuunaandoeningen. Voorbeelden zijn allergieën, astma, CVS, kanker, fibromyalgie, reumatoïde arthritis, lupus, depressie en autisme .

 

Autoimmuunziekten, diabetes en MCAS

Een verstoring in de werking van het enzym is betrokken bij de meeste (auto) immuunziekten.
Dit doet de vraag rijzen of wel een goed idee is om medicinale DPP-IV CD26 remmers in te zetten voor de behandeling van diabetes. Zeker nadat bekend werd dat deze geneesmiddelen de kans op kanker doen toenemen.  Auto-immuunziekten in combinatie met MCAS komen veel voor.

Er zijn onderzoeken waarbij de DPP-IV enzymfuncties (in bepaalde omstandigheden) onafhankelijk van elkaar blijken te werken. Dit betekent dat iemand geen immuniteitsproblemen kan ondervinden (CD26), maar wel andere complicaties ten gevolge van een DPP-IV tekort. De enige bedenking is dat dit onderzoek is gesponsord door fabrikanten van enzym.

Informatie over het gen: 

https://www.ncbi.nlm.nih.gov/gene/1803
https://www.genecards.org/cgi-bin/carddisp.pl?gene=DPP4&keywords=Dipeptidylpeptidase-4

Meer informatie over welke voeding en medicatie de werking van het DPP-4 gen beinvloeden op VoedingsadviesRotterdam.

Omdat exorfinen in voeding de werking van DPP-4 sterk kunnen verlagen, kan een onderzoek naar exorfinen belasting nuttig zijn. Deze is aan te vragen via een consult bij histamine-intolerantie.nl. Een andere optie is een exorfine vrij dieet.

NAT2, N-acetyltransferase 2

Dit enzym is betrokken bij de acetylatie van serotonine en stoffen als histamine.

De hoofdwerking van dit enzym is de activatie of ontgifting van xenobiotica zoals acrylamines de fase 2 van de ontgifting in de lever.

Een polymorfisme in dit gen verlaagt de activiteit van het enzym en kun je of een snelle acetyleen of een langzame acetylator zijn. 

Betreft histamine afbraak breekt dit enzym de histamine af die ontstaat door fermentatie in de darmen. Histamine wordt met behulp van acytylatie afgebroken tot acetylhistamine.

De cofactor voor NAT2 is Acetyl CoA (co-enzym met thiolgroep)

De volgende stoffen vertragen de werking van NAT2:Acetaminophen (pijnstiller gegeven bij artrose), Cisplatin (kankerremmende medicijnen), Triazole (fluconazol, schimmeldodend middel), zoethout en knoflook

Lanzaam  (0,998731) Dit fenotype breekt langzamer histamine, medicatie en chemische stoffen uit het milieu af.

Mensen met een langzame acetylator status kunnen moeite hebben om medicatie en chemicaliën te verwijderen, hierdoor lopen zij meer risico op verschillende ziekten als astma, neurologische stoornissen en kanker.

Insuline resistentie 

Een SNP in the NAT2 genwordt in verband gebracht met  insulin resistentie door de gevoeligheid van insuline aan te tasten.

Men denkt dat de rs1208 locatie nabij het NAT2 gen een rol speelt bij insuline resistentie. Eén onderzoek bij muizen laat zien dat wanneer er expressie is van het NAT1 gen verlaagd is, (bij muizen is dit NAT2),er ook een verlaging was in de insuline gestimuleerde glucose opname, daarmee verlaagd ook de gevoeligheid van insuline waardoor resistentie optreedt.

Verder onderzoek toonde aan dat locaties nabij de GCKR en IGFI genen gelinkt zijn aan insuline resistentie.

Verschillende andere locaties zijn vastgesteld in verband met insuline resistentie. Deze locaties zorgen voor 25-44% van de genetische componenten voor insuline resistentie.

Dr. Afrin stelt dat iedereen met MCAS insuline resistentie heeft. Dit zou één van de oorzaken zijn van overmatige mestcel activatie.

CBS, cystathionine beta-synthase

Een SNP in dit gen  kan leiden tot verhoogde CBS werking waardoor mestcellen te snel degranuleren. 

Codeert het enzym wat de snelheid van het transulferatiepad. Dit is belangrijk omdat een hoog homocysteïnegehalte gevaarlijk voor de gezondheid is. Waterstofsulfide is hiervan een bijproduct, en heeft een belangrijke cyto-beschermende en signaalfunctie.

CBS  katalyseert de eerste stap van het transulferatiepad: van homocysteine to cystathionine. Als dit enzym een mutatie heeft werkt het enzym te snel.  Je ziet dan vaak een laag cystathionine en homocysteine gehalte omdat er een snelle conversie naar taurine is . Hierdoor is er een hoog taurine en ammoniak gehalte en is men gevoeliger voor migraine.  Sommige mensen met een snelle CBS werking kunnen een zwavel intolerantie hebben.  

Mensen met deze mutatie kunnen door de verhoogde werking van CBS ook een vertraagde of verminderde BH4 cyclus hebben, deze helpt de neurotransmitters en het gemoed te regelen.
Een MTHFR A1298C kan ook voor een laag BH4 gehalte zorgen, evenals chronische bacteriele infecties en aluminium.
Bij een tekort aan BH4 krijg je sneller  mestcel degranulatie en mogelijk Mestcel activatie stoornis (MCAS).

Een trage methylatie (lage SAM), verhoogd het gereduceerd glutathion gehalte, een te hoog insulinegehalte vertraagt allemaal de werking van dit gen.

De werking verbetert als de SAM en zink verhoogd worden en het homocysteïne gehalte daalt. 

PEMT, phosphatidylethanolamine methyltransferase

Het PEMT gen zorgt voor voldoende fosfatidylcholine, dit is de meest voorkomende fosfolipide. Fosfolipiden heb je nodig als bouwstof voor de celmembraan.

En heel belangrijk: Het stimuleert het HNMT enzym!

Daarnaast wordt het gebruikt voor:

  • Hersenfunctie, waaronder de vorming van belangrijke neurotransmitters zoals acetylcholine.
  • Leverfunctie – Fosfolipiden zorgen voor de balans tussen triglyceriden en cholesterol. En het speelt ook een belangrijke rol bij de productie van galzuur.
  • Methyl reacties – Fosfolipiden zijn betrokken bij meer dan de helft van de methyl reacties
  • Darmgezondheid – Fosfatidylcholine beschermt de slijmvliezen in de darmen tegen infectie.
  • Groei en ontwikkeling – Fosfolipiden zoals choline zijn essentieel voor de groei bij baby’s en kinderen.

Een TT mutatie zorgt voor 30% lagere PEMT activiteit hierdoor wordt er minder fosfatidylethanolamine in fosfatidylcholine omgezet. Je hebt dan een lager choline gehalte.

Bij onderzoek onder vrouwen met deze mutatie zag men dat als de vrouwen minder betaine(TMG) innamen het risico op borstkanker 2x zo groot was. Bij onderzoek onder Chinese vrouwen zag men een verhoogd risico op Alzheimer.
Een RS 7946 mutatie helpt doordat het methylgroepen spaart voor andere biologische activiteiten.

Deze SNP zou beschermen tegen ziekten als malaria doordat er minder choline in de menselijk ‘host’ is, hierdoor kan de malariaparasiet niet vermenigvuldigen. 

Om te weten of je voldoende choline hebt  kun je je kunt je laten testen op plasma lipiden.

Je zou kunnen in de menopauze kunnen suppleren met choline of iedere dag twee eieren eten.

Je kunt choline met voeding aanvullen door middel van eidooier, zonnebloempitten, lijnzaad, noten en andere zaden of lever en volvette zuivel producten.

Je hebt ook behoefte aan meer fosfatidylcholine, hiervoor kun je lecithine gebruiken. Je kunt dit aanvullen met (gekiemde ) zonnebloempitten.

PEMT gebruikt veel methyl, je kunt SAMe (S-adenosyl methionine) gebruiken om de methyl te verhogen, gebruik hierbij ook TMG(Betaine).

FASE 1 ontgifting in de lever

Deze grote groep enzymen breken in de eerste fase van de ontgifting in de lever gifstoffen, medicatie supplementen en hormonen af. Als SNP’s in CYP450 enzymen zijn, werken deze enzymen langzamer of sneller, meestal langzamer. Hier kun je rekening mee houden als je medicatie moet gebruiken. Medicatie werkt langer door en moet lager gedoseerd worden. CYP450 enzymen zijn ook belangrijk voor het afbreken van extracellulaire histamine.

Deze enzymen hebben heem als cofactor. Heem is onderdeel van hemoglobine. Bij een tekort aan heem kan er een tekort aan CYP450 enzymen ontstaan. Dit tekort kan ontstaan door oxidatieve stress. Een tekort aan heem kan ook genetisch zijn, dan is er vaak sprake van porfyrie. Kijk op wikipedia voor een lijst met de genen in het heem-pad.

CYP 450 enzymen zijn naast de afbraak van gifstoffen ook betrokken bij de synthese van cholesterol, steroiden en andere vetten.

Glyfosaat, de werkzame stof in Roundup, vermindert de werking van CYP450 enzymen. Gebruik zoveel mogelijk biologische groenten en fruit, zeker als er mutaties in deze enzymen zijn.

 

CYP1A1 ontgift sigarettenrook en oestrogeen . Een mutatie in dit gen verhoogt het risico op longkanker omdat PAH niet goed afgebroken kunnen worden.

CODE rs1799814  A2452C (23andMe v.4, v.5; AncestryDNA):

  • G/G: normaal
  • G/T: een CYP1A1*4 allele
  • T/T: verhoogde enzym activiteit, CYP1A1*4[ref]

CYP1A2 breekt cafeine, PAH in sigarettenrook, aflatoxine B1 (mycotoxine in granen) en acetaminofen (paracetamol) af.

Heb je een SNP in CYP1A2 en heb je een verhoogd oestrogeen gehalte, vermijd dan voeding met fyto-oestrogeen en GMO voeding en groente, fruit en granen wat met glyfosaat is besproeid. Dit is ook met veel tarwe het geval. Gebruik BPA vrije plastic materialen of beter nog gebruik geen plastic voor je voeding.

CYP 1A2 en kanker: Deze genen zijn  een van de belangrijkste enzymen om oestrogeen af te breken en wordt in verband gebracht met hormoongerelateerde kankers. Roken en vlees met zwarte randjes bevatten aromatische hydrocarbon en heterocyclische aminen, deze worden door CYP1A2 geconverteerd, als de werking van dit enzym verminderd is, worden deze kankerverwekkende stoffen niet goed geconverteerd en is het risico op kanker hoger.

Xenobiotica stofwisseling: inactiveren van cafeïne, theofylline, warfarin, phenacetin. Cafeïne kan het oestrogeengehalte met 70% verhogen.Hierdoor kan er bij gebruik van veel cafeïne het oestrogeen extreem hoog worden en kan er  hormoongerelateerde kanker ontstaan.

 

CYP2C9 breekt medicatie af en de expressie ervan wordt geïnduceerd door rifampicine. Het is bekend dat het enzym veel xenobiotica metaboliseert, waaronder fenytoïne, tolbutamide, ibuprofen en S-warfarine.

CYP2C19 breekt medicatie zoals xenobiotiva, waaronder anticonvulsie medicatie zoals mefinytoine, omeprazole, diazepam en sommige barbituraten.

CYP2C8 breekt medicatie, xenobiotica en arachidonzuur af.

CYP 2A6 breekt medicatie en nicotine af. De expressie wordt geinduceerd door fenobarbital. Dit enzym hydroxyleerd coumarine. Het metaboliseert ook nicotine, aflatoxine B1(mycotoxine op granen), nitrosaminen. Als er SNP’s zijn is de persoon een zwakke metabool fenotype, dit betekent dat ze coumarine of nicotine niet goed kunnen metaboliseren.

CYP2D6 breekt ongeveer 25% van alle medicatie af. Antidepressieva, antpsychotica, analgesia en antitussieva (hoestdrank), beta adrenerge blokkerende stoffen, antiaritmicen antimetica. Het gen is sterk polymorfisch. Sommige alleles veroorzaken een slechte metabool fenotype waardoor de substraten moeilijk kunnen worden ontgift. Bij sommige mensen met alleles in het gen is er helemaal geen functionerend proteine.

 

CYP3A4 breekt 50 % van alle medicatie af. Breekt glucocorticoiden en sommige farmaceutische stoffen af zoals acetaminofen, codeine, cyclosporen A, diazepam en erythromycine. Het metaboliseert een aan steroiden en carcinogenen.

SNP’s in dit enzym wordt in verband gebracht met oestrogeen gerelateerde kankersoorten. Cafeine verhoogt oestrogeen met 70%. Er zijn veel medicijnen die de werking van dit gen verhinderen.

 

CYP3A5 breekt medicatie, en de hormonen testosteron en progesteron af. Een SNP in dit gen verhoogt het risico op een hoge bloeddruk. Het is betrokken bij de synthese van cholesterol, steroiden en andere vetten.

De CYP 450 groep in beeld gebracht (link)

FASE 2 in de ontgifting van de lever

ACE G2328A (angiotensine II) dit eiwit reguleert de bloeddruk en de vocht- en zouthuishouding in het lichaam. Het stimuleert ook de productie van aldosteron in de bijnieren. Waardoor zout en water door de nieren opgenomen worden.

Cofactoren zijn zink en chloride.

Meet magnesium kalium en natrium middels haarmineraal onderzoek.

Bij histamine intolerantie en MCAS is er vaak sprake van bijnieruitputting als gevolg van een burnout. Hierdoor is er een laag aldosterongehalte en groot tekort aan natrium en kalium.

AGT M235T/C4072T (alanine-glyoxylaataminotransferase) reguleert bloeddruk, electrolyten homeostase en lichaamsvloeistoffen.
De cofactor voor dit gen is vitamine B6. Als er een tekort aan B6 is kan dit gen niet goed werken en  kan er een oxalaatbelasting, preclampsie en hogebloeddruk ontstaan. Suppletie met vitamine B6 (pyridoxine) geeft goede resultaten.


Zorg dat magnesium, kalium en natrium in balans zijn.

 

BHMT 02 C13813T (Betaine-Homocysteine S-Methyltransferase)
Dit enzym kataliseert de conversie van betaine en homocysteine naar dimethylglycine en methionine. Een defect in dit gen kan leiden tot hyperhomocysteinemia (heel erg hoog homocysteine gehalte) of choline deficientie ziekte. Bij deze BHMT02 variant komt ook een hazenlip voor.

FUT2 (fucosyltransferase)

Dit enzym is betrokken bij de vorming van een H-antigeen immuuncomplex en is onderdeel van het Histamine Pad.
FUT 2 vormt de suiker polymeer oligosaccharide. Oligosaccharide is voeding voor de bifidobacteriën in de darmen.
FUT 2 reguleert de expressie van bepaalde “bloedgroep antigenen” en heeft direct invloed op de concentratie darmflora.
Dragers van het FUT 2 genmutatie hebben een lagere concentratie darmbacteriën, bifidobacteriën, een grotere vatbaarheid voor de ziekte van Crohn en verhoogde serumconcentratie vitamine B12, niet dat de beschikbaarheid van B12 op celniveau hoeft te beinvloeden, het is bij deze mutatie wel beter om methylmalonzuur te meten om te weten of er voldoende B12 beschikbaar is.

Interessant is dat de FUT 2 dragers een grotere weerstand tegen pathogene infecties als bijv. H.Pylori, lijkt te hebben en ze ook meer bescherming tegen bepaalde virussen.

Supplement: vitamine B1 Sulbithiamine of Benfothiamine. Gebruik geen gewone thiamine, deze wordt niet goed opgenomen in de hersen-bloed-barriere.

SLC19a1 (Solute Carrier Familie 19 member 1)

SLC19a1 is een transporteiwit wat folaat naar cellen en weefsels vervoert. Foliumzuur en een te hoog zinkgehalte (dus laag kopergehalte ) blokkeert de werking van dit eiwit. Vitamine D verbetert de werking.

MTHFD1->methylenetetrahydrofolate dehydrogenase 1 (op chromosoom 14)

Dit gen wordt in meerdere onderzoeken in verband gebracht met hartziekten, migraine en nekpijn.
Behandeling nekpijn: https://clubalthea.com/2016/10/11/neck-pain-and-mthfr-gene-folate-methionine/

Een hoog homocysteine gehalte kan een tekort aan B12, folaat aangeven waardoor de methylatie niet goed verloopt. Een hoog homocysteingehalte tast ook de genetische polymorfisme (SNP) aan. Dit gen heeft voldoende magnesium nodig om voldoende ATP energie te creëren.
Neem extra magnesium
Neem choline, zeker in de menopauze

MAO, monoamine oxidase

In bewerking wordt nog verder aangevuld.

HNMT verhogen

Bij histamine intolerantie en MCAS is er vaak een tekort aan het DAO enzym, dit is dan ook het meest bekende enzym en waar de meeste mensen naar kijken.  Maar een tekort aan DAO is maar een deel van het probleem.  Ik zie regelmatig clienten waarbij een supplement met DAO enzymen niet werkt. Dit komt doordat er meer enzymen betrokken zijn bij het afbreken van histamine. Als je naast darmklachten ook andere klachten hebt, kijk dan verder. Vooral als er ook psychische klachten zijn. 

HNMT (histamine-N-methyltransferase speelt een belangrijke rol in de cellen, ofwel het werkt intracellulair (DAO werkt buiten de cellen).  Het deactiveert histamine door een methylgroep van S-adenosyl-L-methione naar histamine (N-methylatie) over te brengen. Dit is de enige bekende route voor het beëindigen van neurotransmitter-acties van histamine in het zenuwstelsel van zoogdieren. HNMT wordt uitgescheiden in verschillende weefsels, je vind het meeste in de lever en de nieren, maar ook in de bronchiën en de slokdarm.

HNMT is het belangrijkste enzym wat histamine afbreekt wat vrijkomt uit de mestcellen.

Het meeste HNMT vind je in de lever. In de lever wordt de histamine die ontstaan is door mestceldegranulatie afgebroken.  Als de lever niet goed werkt, heb je dus ook een probleem met het afbreken van histamine. Niet alleen de darm is belangrijk om te behandelen.  In mijn behandelingen werk ik altijd eerst aan de darmgezondheid, en stel daarvoor een voedingsplan op waarbij niet alleen de darm, maar ook de lever wordt ondersteund.  Als de darmwand gezond is en de darm dysbiose, die bijna iedereen in mijn praktijk met histamine intolerantie heeft, gaan we intensiever werken aan de gezondheid van de lever zodat deze beter kan ontgiften en deze gifstoffen zonder problemen door de darmen en nieren afgevoerd kunnen worden.

De lever filtert het bloed om vetoplosbare gifstoffen af te voeren en breekt de gifstoffen af tot wateroplosbare gifstoffen zodat ze via de urine en ontlasting uitgescheiden kunnen worden. Er moet dus geen obstipatie zijn, maar ook geen lekke darm.

Daarnaast is HNMT het enzym wat histamine in het epitheel van de bronchiën verlaagt. Bronchoconstrictie en astma aanvallen kunnen getriggerd worden door het eten van voeding met veel histamine, of voeding wat mestcellen activeert waardoor er histamine wordt vrijgelaten.  Heb je ademhalingsproblemen, denk dan aan HNMT.

Je genen en HNMT

Een “single nucleotide polymorphism” (SNP) is een variatie in het DNA – een polymorfie – van één enkele nucleotide lang.  SNP’s (spreek uit ‘snip’) maken ieder mens uniek en zijn niet per se ziekmakende factoren.  Als er een SNP in het HNMT gen is, kan dit er wel voor zorgen dat het gen wat het HNMT enzym produceert, minder goed of helemaal niet werkt. Hierdoor wordt de extracellulaire histamine minder goed afgebroken en stapelt het zich op. Dit gen  bepaald de werking van het enzym wat histamine omzet in N-methylhistamine.

HNMT zet histamine dus om in N-methylhistamine. Maar dan zijn we er nog niet, daarna moet het nog verder afgebroken worden met het MAO (monoamine oxidase) enzym.   Een MAO tekort kan o.a. ontstaan door een tekort aan riboflavine (B2). Zorg dus voor voldoende vitamine B2, zeker in de overgang en bij oestrogeendominantie wanneer het MAO enzym verlaagd.

Het kan dus zijn dat je een genetische mutatie op het HNMT of DAO enzym hebt, maar het lijkt vaker een probleem te zijn wat ontstaat door onbalans in de hormonen en tekort aan voedingsstoffen.

Je kunt een hoog histamine gehalte in de hersenen herkennen aan de volgende kenmerken: migraine, ADHD/ADD, psychische klachten,  je  bent iemand die altijd maar door gaat, je hebt een hoge workdrive, je bent een sterke leidertype, je hebt een hoge seksdrive. Dit hoeft op zich geen probleem te zijn.  Alleen als het lichaam uit balans raakt ontstaan er problemen. Deze  bovenstaande kenmerken zijn dus het gevolg van een SNP in het HNMT enzym.

Om te weten of jouw HNMT een SNP heeft kun je je genen laten onderzoeken bij 23andme.com of ancestry.com. De volgende genen geven de werking aan:

HNMT rs1050891:

  • ‘G’ = Histamine wordt normaal afgebroken.
  • ‘A’ = Histamine wordt verminderd afgebroken. Er is meer histamine in de hersenen, lever, nieren en luchtwegen.

HNMT rs11558538:

  • ‘C’ = Histamine wordt normaal afgebroken.
  • ‘T’ = Histamine wordt verminderd afgebroken. Er is meer histamine in de hersenen, lever, nieren, luchtwegen.
Als je een verhoogd histamine in de organen hebt, kun je door een tekort aan voedingsstoffen en leefstijlfactoren (vooral stress en hormonale problemen) MCAS ontwikkelen.

Medicatie en HNMT

Sommige medicatie beroven je van de voedingsstoffen die je nodig hebt om de lichaamsfuncties te laten werken. Als je niet genoeg voedingsstoffen hebt voor een bepaald pad in je lichaam, stopt de werking van dit pad. Het is zoiets als een mutatie in een gen: een dubbele homozygote SNP, maar dan ontstaat het door medicatie. Dit fenomeen noemen sommige behandelaars “Medicatie geïnduceerde SNP”.

Medicatie wat Histamine N-Methyl Transferase (HNMT) blokkeert:

  • Hydroxychloroquine (de antibiotica wat o.a. gebruikt wordt bij Covid-19)
  • Chloro guanil (malaria medicatie)
  • Chloroquine (Amodiaquine, malaria medicatie)
  • Promethazine (eerste generatie antihistaminica met antipsychotische en kalmerende werking.
  • Diphenhydramine (H1 antihistamine, Benedryl, maar kan in lichte mate DAO activiteit verhogen)
  • Tacrine (anticholinesterase, vroege Alzheimer medicatie) zoals folaat is nodig om HNMT te activeren) en Pyrimethamine.

Folaat antagonisten worden ingezet bij sommige soorten kanker en ontstekingsaandoeningen, zoals reumatische artritis. Door het folaat te verlagen kunnen kankercellen geen foliumzuur gebruiken om DNA te maken, hierdoor kunnen de kankercellen afsterven.
Aminopterin, methotrexate (amethopterin), pyrimethamine, trimethoprim, triamterene zijn folaat antagonisten en zorgen voor een folaat tekort doordat ze het enzym dihydrofolaatreductase verlagen.Een HNMT tekort kan genetisch zijn of is ontstaan door omstandigheden. De belangrijkste factoren die de werking van het  HNMT aantasten zijn:

  • DAO tekort
  • Bacteriële dysbiose (omdat maar ongeveer 50% van de histamine in je lichaam afgebroken wordt door DAO)
  • HNMT verlagende medicatie
  • HNMT genetische erving
  • Oestrogeen dominantie waardoor mestcellen degranuleren 
  • Voeding wat mestcellen degranuleert
  • Mestcel activatie syndroom (MCAS)

Voeding

HNMT heeft net als andere enzymen in het lichaam cofactoren nodig. Dit zijn de voedingsstoffen die zorgen dat het enzym geproduceerd  én geactiveerd kan worden. 

Bij het HNMT enzym is SAMe, S-adenosylmethionine de belangrijkste cofactor. Zoals het woord al weergeeft: adenosyl en methionine, heb je voldoende vitamine B12 en methionine nodig en is het belangrijk dat er voldoende folaat aanwezig is. 

Zoals in het begin van artikel al stond is een vitamine B2 (riboflavine) tekort een oorzaak van een niet goed werkend MAO enzym, het enzym wat histamine verder afbreekt. Dus ook deze moet op peil zijn.

Als laatste is magnesium essentieel omdat deze ervoor zorgt dat de stoffen in en uit de cellen kunnen en de processen plaats kunnen vinden.

Voeding rijk aan methionine

In aflopende volgorde: kalkoen, rundvlees, lamsvlees, kalfsvlees, vis, varkensvlees, tofu, melk, kaas, noten, bonen, hele granen, zoals quinoa.

Voeding rijk aan vitamine B12

In aflopende volgorde:  Orgaanvlees (lever en nieren), kokkels, oesters, mosselen, sardines, tonijn, krab, rundvlees, ontbijtgranen met toegevoegde B12, tofu met toegevoegde B12, Zwitserse kaas, eieren. 

Voeding rijk aan vitamine B2

In aflopende volgorde: rundvlees, bonen (gefermenteerde sojabonen),  melk, zalm, tonijn, kokkels, oesters, paddestoelen, varkensvlees, spinazie, amandelen, kastanje, kokoswater, zonnebloempitten, avocado, eieren.

Voeding rijk aan folaat

Edamame bonen, linzen, asperge, spinazie, broccoli, avocado, mango, sla, mais, sinaasappel.

Laat je begeleiden

Herken je de klachten en wil je werken aan MCAS en histamine klachten, neem dan contact met mij op. Ik kan je helpen met het uitlezen van je genetisch rapport, een persoonlijk voedings- en leefstijlplan en onderzoeken naar de onderliggende oorzaken van jouw problemen.

Mail naar info@histamine-intolerantie.nl

 

Vitamine B6

Bij histamine intolerantie en darmklachten zie je vaak een tekort aan vitamine B6, deze vitamine is belangrijk voor veel processen en essentieel voor de productie en activatie van Diamine Oxidase(DAO), het enzym wat histamine afbreekt. Nu schijnt een tekort aan B6 haast niet te ontstaan door voeding, maar vooral door een tekort aan darmbacteriën. 

Histamine in de darmen wordt voornamelijk afgebroken met het enzym Diamine Oxidase (DAO) wat door vitamine B6 wordt geactiveerd. Als er een vitamine B6 tekort is, of vitamine B6 werkt niet doordat er een vitamine B1 (thiamine) tekort is, kan er niet voldoende histamine worden afgebroken.

B-vitamine komen via je voeding je lichaam binnen en worden in de dunne darm opgenomen.  Als er te weinig B-vitaminen via voeding binnen komen, probeert je lichaam dit tekort op te vangen door zelf B-vitaminen te produceren met behulp van de darmbacteriën. 

In principe kunnen alle acht de B-vitaminen in de darmen worden geproduceerd, maar niet allemaal even goed en evenveel. Zo kunnen in een gezonde darm vitaminen B1, B2, B6 en B11 voldoende worden geproduceerd, maar B5, B8 en B12 moet je echt via voeding binnenkrijgen. Zeker vitamine B12 want deze wordt het minst geproduceerd.

Meer B-vitaminen door probiotica

Aangezien de B-vitaminen door bacteriën worden geproduceerd, heb je een probleem als er hier te weinig van zijn. Vooral de Bacteroides spp, Bifidobacteriën en de Firmicutes zijn belangrijk en hier zie je bij darmklachten vaak een tekort aan. De lactobacillen L.Plantarum zijn vooral belangrijk voor de productie van vitamine B12 en ik zie bijna standaard een tekort aan lactobacillen in ontlastingsonderzoeken.

Het is dus belangrijk dat er voldoende darmbacteriën zijn. 

Histamine intolerantie, B6 tekort en de overgang

Dit is een belangrijke paragraaf voor alle vrouwen met histamine intolerantie vanaf 40 jaar.  
En dat zijn de meeste van mijn cliënten. 

Nachtzweten en opvliegers komen veel voor bij vrouwen in de overgang. Het zou het gevolg zijn van de dalende oestrogeenspiegel. Als het dat alleen was, dan zouden alle vrouwen in de overgang er last van hebben. Dat is niet zo. Naar mijn idee heeft een verhoogd histaminegehalte door een tekort aan vitamine B6 met deze overgangsklachten te maken. 

Als je last hebt van opvliegers en nachtzweten hebt wordt geadviseerd om niet te kruidig te eten en geen wijn te drinken. Dit zijn allebei bronnen van veel histamine.  Als je nog niet in de overgang bent en je oestrogeen nog op normaal, en vaak zelfs te hoog niveau is, beschermt oestrogeen je tegen ontstekingen. Daalt het oestrogeen gehalte, dan is lichaam gevoeliger voor ontstekingsbevorderende cytokinen die vrijkomen uit mestcellen en histamine uit voeding en mestcellen. 

Heel veel vrouwen met een verhoogd stressniveau hebben een tekort aan progesteron omdat het stressverlagende hormoon cortisol progesteron nodig heeft om stress te verlagen. Door het progesteron tekort is er verhoudingsgewijs een teveel aan oestrogeen.  Daarnaast kun je ook een verhoogd oestrogeen gehalte hebben als gevolg van een tekort aan vitamine B6. 

In de menstruatiecyclus wordt, nadat er bij de ovulatie een eitje in de eileider wordt vrijgelaten, het corpus luteum (ook wel het gele lichaam genoemd) gevormd. Het corpus luteum zorgt voor de productie van progesteron. 

Het corpus luteum kan alleen geproduceerd worden met behulp van vitamine B6 en dus is de productie van progesteron ook afhankelijk van deze vitamine.

Dezelfde vitamine B6 heeft de lever ook nodig om oestrogeen af te breken.  vitamine B6 helpt dus op twee manieren om de balans tussen oestrogeen en progesteron te herstellen.

Hierdoor ontstaat er een tekort aan B6, want het teveel aan oestrogeen vraagt om meer B6 en het tekort aan progesteron ook. Je hebt dus dubbel zoveel B6 nodig!

Ok, het progesteron tekort ontstaat dus door stress. Ben je niet in de overgang en heb je histamine intolerantie dan heb je waarschijnlijk een burnout gehad (dit kan ook twee of drie jaar terug zijn), of loop je er tegen aan. Je hebt in ieder geval meer stress dan je zou willen. Heb ik gelijk?  

Daarnaast is het een natuurlijk proces dat de progesteron in de overgang daalt, vanaf ongeveer 45 jarige leeftijd, maar dit kan ook vroeger beginnen. 

Als we ouder worden produceren we minder progesteron. Oestrogeen wordt dan het dominante hormoon, waardoor er klachten ontstaan zoals we die kennen van oestrogeen dominantie. Lees in dit artikel waarom oestrogeendominantie, wat ook in de menopauze nog steeds een probleem kan zijn, histamine intolerantie in de hand werkt.

Is er dan ook nog een tekort aan vitamine B6, dan kan het hormonale probleem niet opgelost worden maar belangrijker bij histamine intolerantie, de productie en activatie van DAO is dan sterk onvoldoende!

In een onderzoek, gepubliceerd in dec. 2019, naar overgangsklachten zoals nachtzweten en opvliegers werd de voeding van 262 vrouwen in de leeftijd van 40-65 jaar met deze klachten  onderzocht. Men zag dat er vooral een tekort aan vitamine B6 was . Nadat de vrouwen B6 toegediend kregen in de vorm van visolie namen de klachten duidelijk af.

Meer lezen over de overgang, oestrogeen dominantie en histamine intolerantie/MCAS?  In dit e-boek vind je alles wat je moet weten om zelf aan de slag te gaan.

Histamine, angst, depressie en vitamine B6

Vitamine B6 is ook belangrijk voor je stemming en het vermindert het aantoonbaar angst. Heb je histamine intolerantie en last van angst. Laat je B6 onderzoeken. In je bloed, maar ook via bioresonantie. Dan weet je of B6 ook op celniveau voldoende aanwezig is.
De reden dat vitamine B6 angst vermindert is doordat je lichaam vitamine B6 nodig heeft om serotonine en dopamine te maken. Twee neurotransmitters die angst en depressie verminderen.

Stress, alcohol, suiker en het gebruik van de anticonceptiepil zijn de belangrijkste redenen waarom vrouwen een tekort aan B6 hebben.

Wil je B6 aanvullen, doe dit dan niet met supplementen zonder eerst advies te vragen aan een therapeut of behandelaar.

Je kunt B6 op een natuurlijke manier aanvullen door vette vis te eten. Helaas is dit voor de meeste mensen met histamine intolerantie en MCAS een probleem. De hoogste concentratie krijg je door de olie van vis in blik te eten. Je eet niet de vis, maar gebruikt de olie waar de vis in ligt, dit giet je af. Dit kan nog steeds een probleem vormen. Natuurlijk kun je, als je de vis kunt verdragen, ook de vis eten. Maar die kans is klein. 

Daarnaast ben ik geen voorstander van tonijn consumeren in verband met overbevissing en zou ik liever ansjovis willen adviseren. De hoeveelheden zijn niet genoeg om de B6 tekorten aan te vullen. 

Goede histamine vriendelijke dierlijke bronnen van vitamine B6 zijn kip, kalkoen, wilde zalm (dus geen roze kweek!).  Dierlijke bronnen bevatten meer vitamine B6 dan plantaardige. 

Probeer ook veel plantaardige voedingsbronnen van B6 te eten.

 

De ADH voor vitamine B6 is 1,3 mg.

Producten per 100 gram:

Kip 0,6 mg (oxalaat 0 mg)
Linzen 0,2 mg (oxalaat 8 mg)
Tarwegras 0,2 mg (oxalaat 0 mg)
Banaan 0,4 mg (oxalaat 5,7 mg)

Oxalaat en vitamine B6

Ik heb er bij dit overzichtje ook oxalaat bij vermeld omdat dit een stof is wat bij veel mensen klachten veroorzaakt en je naast goede bronnen van vitaminen en mineralen, het ook verstandig is om niet teveel oxalaat binnen te krijgen. Probeer per dag niet meer dan 45 mg oxalaat te gebruiken.

Als je veel oxalaat binnenkrijgt, verlies je vitamine B6 

Dit onderzoek in 1999 heeft aangetoond, dat een hoge dosis vitamine B6 helpt oxalaat af te breken. De vrouwen, die geen last hadden van nierstenen of oxalaat, kregen 40 mg B6 per dag. Er stond niet over welke tijdspanne. Later in 2011 werd er nog een onderzoek gedaan, dit keer onder mensen met genetische mutatie waardoor er een te hoog oxalaat gehalte ontstond. Bij 30% van de deelnemers aan het onderzoek daalde de oxalaat klachten toen zij vitamine B6 suppletie gebruikten.  De dosis die gebruikt werd is 5mg per kilo lichaamsgewicht. Dus bij een gemiddeld gewicht van 60 kg gebruik je 300 mg vitamine B6. Dit is dus echt een heel hoge dosering. Er werd bij deze mensen met een genetische oorzaak, geen bijwerkingen van de hoge B6 suppletie waargenomen. 

Je zal vast denken: Dit is een gevaarlijke hoge dosis! Maar er zit een fysiologische wetenschap achter dit idee. Zoals je hebt gelezen is vitamine B6 essentieel voor de activering van het enzym DAO. En zo is het precies hetzelfde voor het leverenzym AGT. Zonder B6, tja, wat zal ik zeggen…oxalaatstapeling.

Want oxalaat krijg je niet alleen binnen via je voeding, het kan ook in de lever worden geproduceerd.

Zo werkt het: Het leverenzym AGT zet glyoxylaat om in glycine. Glyoxylaat  is de voorloper van oxalaat. Glycine is een heel belangrijk aminozuur. Hoe sneller het AGT enzym werkt, hoe sneller je lever glyoxylaat in glycine om kan zetten, zo voorkom je dat het in oxalaat wordt omgezet. Als je dan een therapeutische hoeveelheid vitamine B6 inzet, dus in hoge dosis, wordt er geen oxalaat geproduceerd. Dus als er door een genetisch, metabolisch of spijsverteringsprobleem teveel oxalaat in het lichaam is, denk dan aan vitamine B6. 

Hoe weet je of je een vitamine B6 tekort hebt?

Een vitamine B6 tekort kun je onderzoeken via bloedonderzoek.  Er wordt dan P5P (Pyrodoxal-5-Phosphate) onderzocht, de actieve vorm. 

Heb je een tekort vul dit dan met een supplement. 

Als je vitamine B6 als supplement neemt gebruik dan alleen de P-5-P vorm, B6 als pyridoxine kan gaan stapelen, dat is gevaarlijk. Het stapelen gebeurt sneller als je weinig eiwitten eet. Mensen die plantaardig eten lopen dus een groter risico op B6 stapeling. 

Hoe meer eiwitten je eet, hoe meer B6 je lichaam verwerkt en nodig heeft en minder risico op stapeling. 

Mensen met nierproblemen en medicijn gebruik hebben een groter risico. (Er stond in het onderzoek niet bij welke medicijnen).

Gebruik, als je niet bij mij onder behandeling bent, gebruik niet meer dan 20 mg per dag of zoals je eigen behandelaar voorschrijft. Hogere doseringen mogen alleen onder begeleiding van een therapeut of behandelaar plaatsvinden die verstand heeft van vitamine B6 doseringen.

Wil je meer weten over oxalaat? In dit boek staat alle informatie over de klachten en hoe je het oplost.

Oxalaat

Oxalaat is een chemische stof in planten (en in sommig dierlijke voeding) die mineralen in het lichaam bindt, zoals magnesium, kalium, calcium, natrium en hier oxalaatzouten van maakt. Veel van deze zouten zijn oplosbaar en verlaten snel ons lichaam. Het oxalaat wat zich aan calcium bindt is  praktisch onoplosbaar en deze kristallen worden hard in de nieren(nierstenen) of in de urinewegen, wat pijn en irritatie veroorzaakt.

Oxalaat in kleine hoeveelheden is geen probleem voor het lichaam. Zolang het lichaam iedere molecuul oxalaat kan afbreken heb je er geen last van. Zelf als ze in akelig hoge hoeveelheden aanwezig zijn kan het lichaam deze nog verwijderen. 

Een goede spijsvertering en galblaas functie beschermt ons tegen een teveel aan oxalaat.

Maar hoe ontdoet het lichaam zich van giftige hoeveelheden oxalaat? 

Galblaas- en darmproblemen

Een van de meest voorkomende redenen dat iemand een hoog oxalaat heeft is een chronisch galblaas of darmprobleem. Hierdoor verlies je veel sulfaat in de urine. Maar niet iedereen die sulfaat in de urine verliest heeft een oxalaat-, galblaas- of darmprobleem. In deze gevallen zal het zwavel verlies door een ander probleem komen, een genetische mutatie lijkt het meest logische.

Als je oxalaat wil bespreken moet je ook sulfaat bespreken, dit geldt overigens ook voor een salicylaat intolerantie.

Sulfaat is een van de meest geweldige moleculen in ons lichaam:

  • het is een essentieel bijproduct van onze methylatie cyclus waar we niet zonder kunnen.
  • het helpt om een lekke darm te dichten en je botten, ligamenten en pezen sterk te maken.
  • je hebt het nodig voor de Fase 2 ontgifting in de lever. Hier worden gifstoffen, hormonen en zware metalen onschadelijk gemaakt en afgebroken.

Sulfaat is zelfs zo belangrijk voor je lichaam dat het de 4e meest voorkomende voedingsstof in je bloedbaan is!

De grote reden dat oxalaat zo giftig is, is dat iedere oxalaat molecuul die in je lichaam komt zorgt voor het verlies van één molecuul sulfaat. Dit komt doordat oxalaat en sulfaat in het lichaam dezelfde transporter gebruiken.

Op de darmwand, de buitenkant van de leverwand en nieren zit een cellulaire transporter Sat1-transporteiwit. De taak van dit kleine cellulaire micro-machientje is om moleculen in te wisselen of ruilen: een molecuul oxalaat voor een molecuul sulfaat. Het is net als een draaideur die constant sulfaat naar buiten duwt en oxalaat binnen laat. Deze Sat1 transporter is de reden dat we sulfaat verliezen en dat deze in de darmen en urine komt als de oxalaatgehalte omhoog gaat. 

Als de galblaas en de spijsvertering niet goed meer werken komt er veel in de darmen, hier zweeft het rond en het botst tegen de wanden. Op de darmwand van de dikke darm leeft het Sat1-transporteiwit. Deze pakt de oxalaat en sleept het het lichaam in terwijl het tegelijkertijd een sulfaat molecuul verwijderd.

Omdat je de voeding niet goed verteert, ben je een sulfaat molecuul verloren die je nodig had en heb je er een voor terug gekregen die problemen veroorzaakt. Als dit een keertje gebeurt is dat niet erg, maar dit gebeurt op moleculair niveau miljoenen keren. Er is vast een goede reden voor, maar wat die reden is weten we nog niet!

Methylatiecyclus verzwakt door sulfaatverlies

Als je oxalaat opname verhoogt is, verlies je sulfaat en dit heeft ernstige gevolgen voor de methylatiecyclus. Het verlies van sulfaat in de darmen en in de urine zal betekenen dat de methylatiecyclus harder moet werken om meer sulfaat te produceren, waardoor je voedingsstoffen voorraden verminderen doordat er geprobeerd wordt de tekorten aan te vullen. Dit zorgt ervoor dat je cellen meer bronnen aanboren om te kunnen ontgiften en te beschermen en er zullen minder voorraden gebruikt worden voor groei en herstel. Onze cellen zullen in een vecht of vlucht modus vastzitten en niet goed kunnen rusten of verteren en dat kan kan je dan zelf ook niet!

Verlies van sulfaat kan voor een gemiddeld persoon een uitdaging zijn en dit kan voor iemand met een genetische mutatie (polymorphisme) met MTHFR, GST, GSS, GSR, SULT 1A1, 1A2 een ramp betekenen. Deze mensen hebben een trage sulfaat ontgifting en het verlies van sulfaat kan er voor zorgen dat het lichaam niet kan bouwen, herstellen of ontgiften. 

De volgende biochemische problemen worden in verband gebracht met een laag sulfaat en hoog oxalaat gehalte 

  • Onvolgroeide groei
  • Trage stofwisseling
  • Veranderd gedrag
  • Verminderde insuline functie
  • Verhoogd LDL en totaal cholesterol
  • Verhoogde lever stress en vette lever afzetting
  • Verzwakte ontgifting en op gereguleerde SULT genen
  • Laag cortisol, tekort aan DHEA en bijnier hormoon
  • Verhoogde colitis en ontstekingsziekten in de dikke darm
  • Verminderde slijmproductie in de darm
  • Verhoogde doorlaatbaarheid darmwand(lekke darm)
  • Ontvankelijk voor agressieve darmbacteriën
  • Verminderde metallothionein expressie en zware metalen ontgifting
  • Vergrootte afmeting en vasculariteit van tumoren
  • Teveel serotonine in het bloed en verlaagd serotonine in de hersenen
  • Autisme gelinkt aan sulfaat verlies

Verder lezen: Ontgiften van Oxalaat en Salicylaat

Koop hier
functional image
functional image

Bron: Dr. Rostenberg, Red Mountain Natural Medicine (V.S.)